door Fuzzwood » vr 07 feb 2014, 13:30
Je Y1 is in de ordegrootte van 0,00001. Je teller van Y2 is in de ordegrootte van 0,001, je noemer moet dus ergens in de ordegrootte van 100 voor X zitten wil je op een antwoord met 10
-5 uitkomen.
Of je doet minder ingewikkeld en schrijft die vergelijkingen in elkaar. Op het snijpunt: Y1 = Y2
1.8 * 10
-5 = 1.6 * 10
-3 / (X - 1.6 * 10
-3)
1.8 * 10
-5 * (X - 1.6 * 10
-3) = 1.6 * 10
-3
1.8 * 10
-5 X - 2,88 * 10
-8 = 1.6 * 10
-3
1.8 * 10
-5 X = 1.6 * 10
-3 + 2,88 * 10
-8 = .0016000288 ≈ 1.6 * 10
-3
X ≈ 1.6 * 10
-3 / 1.8 * 10
-5≈ 89.
Geen grafische onzin nodig dus, alleen simpele wiskunde.
Tijd dat je dit vlug leert, zo kun je ook een 2e graads vergelijking opstellen en eventueel met de abcformule oplossen. Als je daar handig in wordt scheelt dat een hoop tijd

En weet je des te vlugger de pH van je oplossing.
Je Y1 is in de ordegrootte van 0,00001. Je teller van Y2 is in de ordegrootte van 0,001, je noemer moet dus ergens in de ordegrootte van 100 voor X zitten wil je op een antwoord met 10[sup]-[/sup][sup]5[/sup] uitkomen.
Of je doet minder ingewikkeld en schrijft die vergelijkingen in elkaar. Op het snijpunt: Y1 = Y2
1.8 * 10[sup]-5[/sup] = 1.6 * 10[sup]-3[/sup] / (X - 1.6 * 10[sup]-3[/sup])
1.8 * 10[sup]-5[/sup] * (X - 1.6 * 10[sup]-3[/sup]) = 1.6 * 10[sup]-3[/sup]
1.8 * 10[sup]-5[/sup] X - 2,88 * 10[sup]-8[/sup] = 1.6 * 10[sup]-3[/sup]
1.8 * 10[sup]-5[/sup] X = 1.6 * 10[sup]-3[/sup] + 2,88 * 10[sup]-8[/sup] = .0016000288 ≈ 1.6 * 10[sup]-3[/sup]
X ≈ 1.6 * 10[sup]-3[/sup] / 1.8 * 10[sup]-5[/sup]≈ 89.
Geen grafische onzin nodig dus, alleen simpele wiskunde.
Tijd dat je dit vlug leert, zo kun je ook een 2e graads vergelijking opstellen en eventueel met de abcformule oplossen. Als je daar handig in wordt scheelt dat een hoop tijd :) En weet je des te vlugger de pH van je oplossing.