Plaats een reactie

Je mail wordt niet openbaar getoond. Het wordt enkel gebruik voor contact of notificatie vanuit het beheer.

🗨️ Wat vind jij? Stel direct je vraag of geef je mening – zonder registratie. Je reactie zet het topic weer bovenaan bij 'Laatste posts' en trekt snel nieuwe reacties aan🔥. Mocht je als vaste bezoeker willen reageren, dan kun je je ook registreren.

Bevestig dat je geen robot bent door de volgende vragen te beantwoorden.

Noor heeft 10 knikkers. Ze verliest er 4 in het gras. Hoeveel heeft ze er nog?

Antwoord: (vul een getal in)

Er zitten 5 vogels op een hek. Twee vliegen weg. Hoeveel blijven er zitten?

Antwoord: (vul een getal in)

Weergave uitklappen Voorafgaande berichten: [sociobio] racisme

Re: [sociobio] racisme

door Knownothing » di 05 okt 2004, 20:00

Schedelmetingen waren iets uit de negentiende-eeuwse antropologie. Snorremans was bijlange niet creatief genoeg om zoiets zelf te bedenken.

Re: [sociobio] racisme

door Anonymous » di 05 okt 2004, 19:27

In de jaren 30 waren er enkele primaten die het nodig vonden de schedels van mensen te meten,op aanraden van een kleine schoft met zwart haar en een snorretje.Hij was even germaans als een rioolrat.

Re: [sociobio] racisme

door Bio » di 05 okt 2004, 13:32

Anonymous schreef:Maar nu komt de klap op de vuurpijl (voor onze slinkse 'intellectuelen'), de evolutie heeft er wel voor gezorgd dat de ene Homo sapiens anders is ontwikkeld dan de andere (in de volkmond noemt men dit 'rassen', deze zijn ingedeelt volgens classificatie, net zoals elke op koolstof gebaseerde levensvorm).

Als je de rassen ‘gelijk’ noemt denk je ook vanuit je eigen maatstaven (en ben je redelijk blind).
Hier ga je dus de mist in. Want je zegt in feite; iemand die zwart is behoort tot het Afrikaanse ras 'omdat hij anders is ontwikkeld'. Maar je baseert dat dus in feite op 1 gen (zullen er wel meer zijn, maar laten we het makkelijk houden!). Terwijl er tien andere genen voor op te noemen zijn die wel gelijk zijn. Je pikt er alleen net de ene eigenschap uit die wat zichtbaarder is!

Sterker nog; als je evolutionair-biologisch de oorsprong van de mens gaat onderzoeken, doe je dat aan de hand van AIM's (Ancient Nogwat Markers). Daaruit blijkt, dat er bijvoorbeeld in Noord-Amerika een significant VOLLEDIG blanke (!!) mensen rondlopen, die toch voor 51% 'zwarte' markergenen bezitten, en dus in feite tot een 'afrikaans ras' zouden moeten behoren.

Ik ga dus niet zitten beweren dat alle mensen hetzelfde zijn, maar vraag me wel af wat dan jouw definitie van ras is!

Edit: Foutje met de kwoot :shock:

Re: [sociobio] racisme

door Xardas » ma 04 okt 2004, 20:57

Ik was toch echt ingelogd, en dan wil ik een post editen, maakt ie een nieuwe quote aan :shock: . Ik wil een moderator vragen of hij de 2 bovenstaande posts zou willen verwijderen. (ik heb gemerkt dat zo'n lap tekst best irri is, dan maak ik er een link van)

Re: [sociobio] racisme

door Anonymous » ma 04 okt 2004, 20:43

En nog een zeer interessante bron voor de wetenschapper!:

Ras, rede en racisme

De universitaire worsteling met politiek omstreden theorieën

door Maarten Derksen

De culturele antropologie en de UNESCO zijn eruit:

ras is een sociale constructie, louter voer voor

sociologen. Maar lang niet iedereen wil daaraan.

Onlangs tikte het college van bestuur van de

Universiteit Utrecht nog een evolutionair psycholoog op

de vingers, omdat hij een omstreden rassentheorie

niet van 'voldoende context' had voorzien. Terecht?

Of een gevaar voor de academische vrijheid?

Zeer controversiële theorieën mogen alleen worden onderwezen als de docent ze van voldoende context voorziet. Deze uitspraak is van een commissie die enkele maanden geleden was ingesteld door het college van bestuur van de Universiteit Utrecht naar aanleiding van een klacht van een studente over een college psychologie. De psychologie is rijk aan controversiële theorieën, en docent Akko Kalma had voor zijn laatste college in de cursus Evolutionaire Psychologie daarvan één van de meest omstreden uitgekozen: de ‘differential K theory’ van J. Phillippe Rushton. Kort gezegd beweert Rushton dat de menselijke soort bestaat uit drie hoofdrassen, mongoloïde, caucasoïde en negroïde, met in die volgorde afnemende intellectuele vermogens, maar toenemende seksuele driften. En dat zijn slechts twee van de vele variabelen waarop de drie rassen langs dezelfde ‘gradiënt’ kunnen worden gerangschikt. Hetzelfde patroon wordt gevolgd voor bijvoorbeeld penisgrootte, criminaliteit, echtscheiding, schedelinhoud, beschaving en meervoudige geboortes. Die verschillen zijn een gevolg van de evolutionaire geschiedenis van de drie rassen. Elk heeft zijn reproductieve strategie aangepast aan de ecologische omstandigheden: terwijl de Aziaten verder trokken en in de barre omstandigheden van het noorden terechtkwamen, waar zij met intellect en samenwerking proberen te overleven, zijn de negers blijven hangen in een rijke biotoop waarin het erop aankomt de overvloed te laten benutten door zo veel mogelijk elkaar beconcurrerende nakomelingen. De blanken zitten daar ergens tussenin.

Kalma presenteerde het werk van Rushton als een bijdrage aan de psychologie die serieuze aandacht verdient, al waarschuwde hij zijn studenten wel dat deze theorie (‘zoals elke theorie’) kritisch bekeken dient te worden. Eén van zijn studenten, Inge Versteegt, nam evenwel aanstoot aan wat zij beschouwt als onversneden racisme, en riep Kalma per e-mail ter verantwoording. Zijn antwoorden bevredigden haar niet. Ze diende een klacht in bij de onderwijsdirecteur. Toen deze de klacht afwees en Versteegt voet bij stuk hield, begon de zaak te escaleren en raakte de pers geïnteresseerd. Uiteindelijk besloot het college van bestuur een commissie in te stellen die een uitspraak moest doen over de vraag of de theorie van Rushton op de juiste wijze was onderwezen, en of de faculteit de klacht van Versteegt correct had behandeld. Deze commissie, bestaande uit de hoogleraren B. de Gaay Fortman, P.J.D. Drenth en A. Pilot, deskundig op respectievelijk het gebied van de mensenrechten, de psychometrie en het onderwijs, stelde Versteegt in het gelijk: Kalma had Rushtons werk alleen mogen behandelen als hij ook aandacht had besteed aan de wetenschappelijke kritiek daarop en het mogelijke misbruik van deze ideeën. Ook oordeelde zij dat de faculteit sociale wetenschappen slordig was omgesprongen met de klacht. De details van deze zaak zijn na te lezen op de website van het U-Blad van de Universiteit Utrecht. De Groningse psycholoog Peter Tellegen heeft op zijn eigen website eveneens een verzameling documenten over de zaak geplaatst.

Het is niet de eerste keer dat het begrip ‘ras’ heeft geleid tot het instellen van een wetenschappelijke commissie. Er zijn inmiddels zoveel Statements on Race en aanverwante verklaringen gepubliceerd dat van een genre kan worden gesproken. Maar juist dat grote aantal roept ook de vraag op of zij wel nut hebben. Waarom is het nodig telkens weer de wetenschappelijke consensus over het concept ‘ras’ te formuleren? Wat verklaart deze onmacht? En zijn officiële wetenschappelijke standpunten misschien zelfs contraproductief?

'Er zijn inmiddels zoveel Statements on Race en

aanverwante verklaringen gepubliceerd dat van een genre kan worden gesproken.'

Recente verklaringen zijn in ieder geval opmerkelijk eensluidend in hun afwijzing van het rasbegrip. Tien jaar geleden ontstond grote ophef na de verschijning van het boek The Bell Curve van Richard Herrnstein en Charles Murray. Daarin werd geopperd dat de grotendeels zwarte Amerikaanse onderklasse haar armoede te danken heeft aan een erfelijk bepaalde lage intelligentie. De American Psychological Association besloot een ‘Task Force’ in het leven te roepen die de wetenschappelijke stand van zaken op het gebied van intelligentie en IQ-tests moest inventariseren, zodat de ontspoorde discussie op een solide basis kon worden voortgezet. Over de verschillen tussen de IQ-scores van African Americans en blanken (zo’n vijftien punten ten nadele van de African Americans) concludeerde de commissie dat voor een genetische verklaring hiervan ‘nog minder’ empirische steun bestond dan voor culturele en sociale verklaringen (Neisser et al. 1996:97). De term ‘ras’, die veelvuldig viel in de controverse, werd expliciet vermeden ten gunste van ‘etnische groepen’, waarvan de definitie berust op sociale conventies. De Task Force ging niet in op de vraag of het zinvol is om tussen sociaal gedefinieerde groepen naar genetische verschillen te zoeken.

De American Anthropological Association (AAA) was in 1994 met haar Statement on ‘Race’ and Intelligence stelliger: het biologische rasbegrip is onwetenschappelijk en er is dus geen enkele reden om aan te nemen dat ras, biologisch gedefinieerd, intelligentie bepaalt. Enkele jaren later publiceerde de AAA een uitgebreider Statement on ‘Race’. Daarin herhaalde ze dat raciale onderscheidingen biologisch gezien arbitrair zijn en daarom geen verklaring kunnen bieden voor de verschillen tussen groepen mensen: ‘Present-day inequalities between so-called “racial” groups are not consequences of their biological inheritance but products of historical and contemporary social, economic, educational, and political circumstances’ (AAA, 1998).

De meest gedegen uitwerking van het biologische argument tegen ras is het Statement on the Biological Aspects of Race dat de American Association of Physical Anthropologists (AAPA) in 1996 publiceerde, ter bestrijding van racisme in pers en wetenschap. Binnen en buiten de wetenschap, constateerde zij, leeft een negentiende-eeuws rasbegrip voort dat dikwijls misbruikt wordt om groepen te discrimineren.

Het is echter een concept zonder enige wetenschappelijke grond: hoewel er zeker enige biologische variatie tussen menselijke populaties bestaat, is het idee van discrete rassen bestaande uit voornamelijk typische vertegenwoordigers, onhoudbaar. En dat geldt al helemaal voor de traditionele driedeling mongoloïde, caucasoïde en negroïde die ook Rushton hanteert. Het Statement van de AAPA is een amendement op het Proposal on the Biological Aspects of Race van de UNESCO uit 1964, één in een serie van zulke verklaringen over ras, opgesteld door commissies van wetenschappers uit diverse disciplines (UNESCO, 1969). Ook dit Proposal stelt al onomwonden dat pure rassen niet bestaan, en dat ‘racistische theorieën’ onwetenschappelijk zijn.

Alleen sociaal wetenschappers willen nog vasthouden aan ras. Geconfronteerd met ‘scholarly and civic leaders’ die opperden dat het beter zou zijn, gezien het gebrek aan wetenschappelijke basis voor het biologische rasbegrip, om het concept helemaal te laten vallen in sociaal-wetenschappelijk onderzoek, stelde de American Sociological Association haar eigen Statement op (ASA, 2002). Met vuur verdedigde zij de noodzaak en het recht om ras als variabele op te nemen in onderzoek, gezien de sociale realiteit van ras. ‘As long as Americans routinely sort each other into racial categories and act on the basis of these attributions, research on the role of race and race relations in the United States falls squarely within this scientific agenda.’ Maar dat ras geen biologische realiteit is, bevestigde ook de ASA.

Kortom: er is in de relevante disciplines geen steun te vinden voor de raciale classificatie die de basis vormt van Rushtons theorie. ‘De drie menselijke rassen’ bestaan niet, en een theorie die uitspraken doet over de fysieke, psychologische en sociale eigenschappen van zulke rassen gaat letterlijk nergens over. De toch zeer brede consensus lijkt voorbij te zijn gegaan aan docent Kalma, die in het cursusmateriaal en zijn e-mailcorrespondentie met Versteegt spreekt van ‘de drie menselijke rassen’, en meent dat er, ‘gemiddeld’, niets mis is met Rushtons onderzoek. Terecht tikt de Commissie De Gaay Fortman hem hierom op de vingers. Maar Kalma is niet de enige die nog steeds gelooft dat ‘ras’ een respectabel wetenschappelijk concept is. Ook andere psychologen beoordelen Rushtons werk gunstig (zie bijvoorbeeld Whitney, 1996).

Waarom dringt de boodschap van de diverse verklaringen niet door?

De oorzaak ligt deels in het feit dat het lot van zulke verklaringen verbonden is aan de wetenschappelijke discussie waarop ze gebaseerd zijn. Wetenschappelijke autoriteit is hun kracht, maar tegelijk ook hun zwakte, want de autoriteit van de wetenschap mist het officiële karakter dat een officiële verklaring eist, en is bovendien veranderlijk. De geschiedenis van de UNESCO-Verklaringen is illustratief in dit verband (zie ook Malik, 2000). De eerste kwam uit in 1950, vier jaar na de oprichting van de UNESCO. Aan een panel van wetenschappers onder leiding van de antropoloog Ashley Montagu was gevraagd eens en voor altijd duidelijk te maken dat wetenschappelijke feiten de verbroedering der volkeren in elk geval niet in de weg zaten. De commissie concludeerde inderdaad dat ‘biological studies lend support to the ethic of universal brotherhood’ (UNESCO 1969:35), omdat de menselijke neiging tot samenwerking aangeboren blijkt te zijn. Maar belangrijker nog waren de conclusies over ras. Die term, adviseerde de commissie, moest maar niet meer worden gebruikt. In plaats daarvan was het beter van ‘etnische groepen’ te spreken. ‘For all practical social purposes “race” is not so much a biological phenomenon as a social myth’ (UNESCO 1969:33).

Voor veel biologen was de verwijdering van de term ‘ras’ onacceptabel. Zij waren toch al argwanend, omdat ze in de commissie nauwelijks vertegenwoordigd waren geweest. Hoewel de ontwerptekst onder druk van onder andere de beroemde biologen Theodosius Dobzhansky en Julian Huxley (de eerste voorzitter van de UNESCO) al was aangepast, verscheen een jaar later toch een nieuwe verklaring, ditmaal opgesteld door een commissie waarin biologen de meerderheid vormden. En dus, zo merkte men op, geautoriseerd door ‘just those groups within whose special province fall the biological problems of race’. ‘De toch zeer brede consensus lijkt voorbij te zijn gegaan aan docent Kalma, die in het cursusmateriaal en zijn e-mailcorrespondentie met Versteegt spreekt van “de drie menselijke rassen” en meent dat er “gemiddeld” niets mis is met Rushtons onderzoek.’

De fysisch antropologen, genetici en biologen waren er niet zo zeker van dat de mens inderdaad van nature is genegen tot verbroedering. Strijdlust leek evengoed deel van de menselijke natuur. Het rasbegrip werd bovendien in ere hersteld; men had nog wel geprobeerd een nieuwe term te bedenken om de oude, zo vaak misbruikt, te vervangen, maar dat was niet gelukt. Dat rassen bestaan, was in ieder geval zowel de wetenschapper als de gewone man onmiddellijk duidelijk: de eerste op grond van zijn metingen, de tweede op grond van ‘the immediate evidence of his senses when he sees an African, a European, an Asiatic and an American Indian together’ (UNESCO 1969:37). Dit laatste argument gebruikt Rushton overigens nog steeds: wie onbevooroordeeld, als de spreekwoordelijke bezoeker van Mars, de mensheid in ogenschouw neemt, ziet gewoon dat de mensheid uit verschillende rassen bestaat (Rushton 1995:1).

Voor het overige werden de conclusies uit 1950 grotendeels aanvaard: de rassen zijn geen afzonderlijke populaties maar lopen geleidelijk in elkaar over; ‘hybridisering’ is normaal en levert geen inferieur nageslacht op; de verschillen tussen individuen van één ras zijn doorgaans groter dan de verschillen tussen rassen; er is geen bewijs dat er raciale verschillen bestaan in aangeboren intellectuele capaciteiten. Het eerdergenoemde Proposal on the Biological Aspects of Race uit 1964 herhaalde deze argumenten, maar voegde hieraan toe dat het wetenschappelijk belang van raciale indelingen van de menselijke soort gering is. Het woord ‘ras’ werd nog maar enkele keren gebruikt. Net als de eerste verklaring uit 1950, legde het Proposal wel weer veel nadruk op het aanpassingsvermogen van de mens en op de overheersende rol van cultuur in de geschiedenis. Het amendement van de AAPA uit 1996 bevat ten slotte, in tegenstelling tot de UNESCO-Verklaringen, geen enkele verwijzing meer naar ‘de drie hoofdrassen’.

Wie de verklaringen van 1950 en 1951, het Proposal van 1964 en het amendement daarop uit 1996 naast elkaar legt, ziet weliswaar hoe van het klassieke rasbegrip uiteindelijk weinig tot niets overblijft, maar ontwaart ook de soms heftige discussies waar ze een neerslag van vormen. Een verklaring van een wetenschappelijke commissie kan altijd weer ondermijnd worden. Wie weet dat de eerste UNESCO-Commissie werd teruggefloten door de tweede, en dat de eerste verklaring niet de laatste was, neemt ze allicht minder serieus. Hoewel de meeste argumenten in het Proposal van 1964 nu nog steeds worden onderschreven, bestaan er tegenwoordig grote twijfels over de veronderstelde plasticiteit van het menselijk gedrag en over de hoofdrol die de cultuur krijgt toebedeeld. De UNESCO-Verklaringen worden mede schuldig geacht aan het creëren van een naoorlogs taboe op biologische gedragsverklaringen, dat onder andere de sociobiologie bijna de das omdeed (zie Malik, 2000 over ‘de UNESCO-mens’). Pas nu begint het taboe onder de overweldigende bewijslast te bezwijken, en kan eindelijk worden gezegd dat de menselijke natuur een belangrijke factor is in de totstandkoming van gedrag en cultuur. Dat is in ieder geval, inclusief de klacht over het taboe, de stelling van bijvoorbeeld de evolutionaire psychologie. Daarmee zijn we terug bij Rushton, die zich graag presenteert als een intellectuele held met de moed om tegen de politiek correcte stroom van het omgevingsdenken in te gaan. Bovendien noemt hij zich evolutionair psycholoog. Vooraanstaande evolutionair psychologen als John Tooby en Leda Cosmides zullen hem dat niet in dank afnemen. Die zijn nadrukkelijk niet geïnteresseerd in individuele of ‘raciale’ verschillen, nemen afstand van elke vorm van racisme, en vragen juist aandacht voor universele kenmerken van de menselijke natuur. (Zie bijvoorbeeld hun ‘Primer’.) Mensen als Rushton liften nu eenmaal graag mee op de golf van verzet die het oude ‘dogma’ heeft opgeroepen.

De suggestie van een taboe is, terecht of onterecht, snel gewekt wanneer een wetenschappelijke uitspraak een officieel karakter krijgt, bijvoorbeeld door het zegel van de Verenigde Naties. Daar komt bij dat de UNESCO-Verklaringen, evenals de uitspraak van de Commissie De Gaay Fortman, overwegend negatief geformuleerd zijn. De Statements on Race keren zich, steeds preciezer, telkens weer tegen hetzelfde doel: het negentiende-eeuwse idee van de drie rassen als discrete ondersoorten die gerangschikt kunnen worden naar hun graad van ontwikkeling of verwording. Dit is inderdaad nog steeds een verbazingwekkend populair idee. Het is daarom nuttig van tijd tot tijd te herhalen dat biologen en antropologen het niet onderschrijven. Dat laat evenwel onverlet dat de biologie wel andere vormen van variatie tussen populaties onderscheidt, die ook van toepassing zouden kunnen zijn op de mens. Volgens Jonathan Kaplan en Massimo Pigliucci (respectievelijk filosoof en bioloog) wordt het onderzoek naar menselijke variabiliteit gehinderd door de angst voeding te geven aan racisme, terwijl in de biologie concepten beschikbaar zijn die niets van doen hebben met het klassieke rasbegrip, maar die wel toepasbaar zouden kunnen zijn op de variatie tussen menselijke populaties (Kaplan en Pigliucci, 2002). Een veelbelovende kandidaat is volgens hen het ‘ecotype’: een populatie die een bepaalde aanpassing aan een kenmerk van de omgeving deelt. Kaplan en Pigliucci leggen uit dat ecotypes geen rassen in de klassieke zin zijn (een individu kan bijvoorbeeld tot verscheidene ecotypes behoren), maar dat het concept wel zou kunnen worden gebruikt om aspecten van menselijke variabiliteit te onderzoeken. Die worden nu ofwel gekaapt door mensen als Rushton, ofwel genegeerd of ontkend om elke schijn van racisme te vermijden. Zelfs houden ze de mogelijkheid open dat er menselijke populaties bestaan die bepaalde psychologische adaptaties delen, zoals grotere cognitieve vaardigheden. Er is geen bewijs dat zulke populaties bestaan, maar dat bewijst niet dat ze niet kunnen bestaan.

Een positieve benadering van de variatie tussen populaties zou de ruimte kunnen verkleinen voor pseudo-wetenschap die nu, onbedoeld, wordt gecreëerd door de defensieve houding van de Statements on Race. Iets dergelijks geldt voor de uitspraak van de Commissie De Gaay Fortman over het onderwijzen van ‘wetenschappelijk zeer omstreden’ theorieën. Het is inderdaad aanbevelenswaardig om niet aan kritiek voorbij te gaan bij het doceren van een psychologische theorie. Problematisch is natuurlijk wel wat precies in de categorie ‘zeer omstreden’ valt. Rushtons versie van de evolutionaire psychologie is zeker een goede kandidaat, maar valt het werk van evolutionair psychologen als Craig Palmer en Randy Thornhill, bekend van hun theorie over verkrachting als het resultaat van een geëvolueerde, natuurlijke neiging, daar ook onder? Omstreden, zeker, maar minder controversieel dan Rushtons ideeën. Discussies over grensgevallen zullen onvermijdelijk zijn, zelfs als de categorie ‘zeer omstreden’ nader wordt omschreven. Belangrijker is echter dat de aanbeveling (de commissie spreekt zelfs van een ‘didactisch vereiste’) niet bepaald uitnodigt tot het onderwijzen van controversiële theorieën. Het was beter geweest als de commissie haar conclusie positiever had geformuleerd. Het zou namelijk jammer zijn als docenten theorieën als die van Rushton helemaal niet zouden behandelen, wellicht met het idee dat studenten maar beter niet geconfronteerd kunnen worden met de verwarring van controverses.

Rushtons werk is een, weliswaar marginaal, onderdeel van de psychologie en als zodanig hoort het in principe thuis in het curriculum. De brede marges van de psychologie zijn juist kenmerkend voor de discipline. Het is uitermate leerzaam te weten dat het in de psychologie mogelijk is om in legitieme, peer-reviewed tijdschriften als Personality and Individual Differences – Rushtons voornaamste medium – onderzoek te publiceren dat door andere psychologen wordt afgewezen omdat het methodologisch en theoretisch volstrekt niet deugt. Als Rushton wordt genegeerd in het onderwijs, bestaat bovendien het risico dat zijn werk aantrekkelijk blijft als moedige, taboedoorbrekende wetenschap.

M.m.v. Rod Buchanan.

bron - http://www.testresearch.nl/werk/racderksen.html

Re: [sociobio] racisme

door Anonymous » ma 04 okt 2004, 20:42

:shock: , IK moet me weer verantwoorden, schraap eerst zelf een beetje argumentatie bij elkaar. Maar het maakt mij niet uit hoor, ik roep niet zomaar wat. Voor een volledig pleidooi heb ik wat posts en andere relateerde informatie verzameld, om jullie een volledig beeld te geven.

Volgen de Grote Winklerprins Encyclopedie:

ras is een term die geen wetenschappelijke status heeft ; hoewel: in de antropobiologie kan men het begrip ras omschrijven als een populatie(van de soort mens) die van andere verschilt in de frequentie(het vóórkomen) van een of meer erfelijke factoren ten gevolge van (vnl) isolatie.

De mens is dus een soort en geen ras. Voor de complete volledigheid:

Het dierenrijk

onderrijk metazoa

stam chordata

onderstam gewervelden

superklasse gnathostomata

klasse mammalia

onderklasse theria

superorde placentale zoogdieren

orde primaten

onderorde apen

superfamilie hominidea

familie mens

geslacht(soort) mens

ras(ondersoort) Europide of Kaukasisch(Blank , arabisch, N-Am indianen, Indiase), Mongolide(o.a. Inuit,Chinezen), Negride(o.a. Aboriginals)

Hellraiser:

Het klopt dat mensenrassen niet bestaan, want iedereen is een Homo sapiens (iedereen is van het menselijke soort) Chinezen zijn Homo sapiens, Negers zijn Homo sapiens, Aziaten zijn Homo sapiens, blanken zijn Homo sapiens, enzovoorts, dat staat vast.

Maar nu komt de klap op de vuurpijl (voor onze slinkse 'intellectuelen'), de evolutie heeft er wel voor gezorgd dat de ene Homo sapiens anders is ontwikkeld dan de andere (in de volkmond noemt men dit 'rassen', deze zijn ingedeelt volgens classificatie, net zoals elke op koolstof gebaseerde levensvorm).

Tiwazz:

Afhankelijk van de definitie die aan een begrip als 'ras' geeft, bestaan er rassen. Meestal is het zo dat de algemeen aanvaarde betekenis van een begrip aanvaard wordt. Met het begrip 'mensenrassen' heeft men altijd de verschillende (op uiterlijk gebaseerde) onderverdelingen van de mens bedoelt, dat die onderverdeling er is, is overduidelijk. Maar nu wil de linkse medemens anderen doen geloven dat alle mensen 'gelijk' zijn. Om dat te onderbouwen gaven ze een andere betekenis aan het begrip 'ras' cq. 'mensenras', om vervolgens te zeggen dat het niet klopt. Zo kan iedereen gelijk krijgen.

Tijd voor een lesje taxonomie (het indelen van planten en dieren in soorten ed)

Allereerst worden organismen onderverdeeld in 'Rijken' (bv het 'Dierenrijk'),

vervolgens in 'Stammen' (bv 'Gewervelden),

daarna in 'Klassen' (bv 'Zoogdieren'),

dan in 'Ordes' (bv 'Roofdieren),

de volgende onderverdeling heet 'Familie' (bv 'Hondachtigen'),

daarna in 'Geslachten' (bv 'Canis', honden)

en tenslotte in 'Soorten' (bv 'Lupus', wolven)

Zo word een soort (in mijn voorbeeld de Wolf en zijn gedomesticeerde variant, de hond) dus op de algemeen erkende wetenschappelijke wijze onderverdeeld.

Dit is overigens de iets vereenvoudigde en vaker gebruikt versie. Er is ook een iets uitgebreidere waar ook onderklassen ed onderscheiden worden.

Nu zijn er tussen Wolven onderling ook nog verschillende ondersoorten te duiden. Bij honden is er ook veel (uiterlijke) variatie. Bij honden worden de verschillende varianten (honden)rassen genoemd.

De verschillende mensen werden evenals honden ook in rassen onderverdeeld.

Ja, rassen bestaan dus als men de gangbare betekenis van het begrip '(mensen)ras' gebruikt. Ras is dus onderscheid dat binnen de afgebakende sectie 'soort' gemaakt wordt.

Tiwazz2:

Hoezo is het kolder om volgens je eigen maatstaven te redeneren, dat zijn de enige maatstaven die je kunt gebruiken. Inferieur en superieur zijn subjectieve waardeoordelen en hebben dus een subject met maatstaven nodig. Jouw maatstaven zijn misschien 'alles gelijk' al dan niet na gedegen onderzoek bij andere mensen is dat misschien niet zo. Dat het subjectief is doet niks af aan het belang ervan af, alles wat een individu vindt is namelijk subjectief net als het belang wat het individu eraan geeft.

Persoonlijk vind ik kinderverkrachters veel slechter (inferieurder) dan bijvoorbeeld een gewoon burgermannetje. Dat is vanuit mijn eigen maatstaven geredeneerd. In een bepaald opzicht is de verkrachter ook gewoon een klomp atomen en goed noch slecht, toch vind ik het beter om vanuit mijn eigen maatstaven een waardeoordeel te vellen en daarna te handelen.

Als je de rassen ‘gelijk’ noemt denk je ook vanuit je eigen maatstaven (en ben je redelijk blind).

Als ik me in rassen enzo verdiep doe ik dat zonder waardeoordeel, net zoals een bioloog geen waardeoordeel geeft aan de verschillen tussen een bonobo en een chimpansee. Maar als je me ernaar vraagt moet ik toch toegeven dat bijvoorbeeld negers bar weinig hebben voortgebracht, zeker in vergelijking met blanken. Maar dat is eigenlijk ook maar een waardevrije constatering en bovendien vind ik primitief gedoe helemaal niet verkeerd.

Re: [sociobio] racisme

door Bio » ma 04 okt 2004, 16:44

Inderdaad Knownothing!

Ik zag gisternacht nog op Discovery een mooie documentaire (Human mutants of zoiets), waarin door sommige wetenschappers beweerd wordt, dat rassen eigenlijk niet bestaan.
Een Zweed en een Swazi verschillen op DNA-niveau aardig wat van elkaar. Maar twee willekeurige inwoners van de Shetland-eilanden kunnen nog veel meer van elkaar verschillen.
Het was niet met cijfers onderbouwt, maar het geeft wel aan dat het begrip 'ras' onder de mens eigenlijk maar subjectief is!

Re: [sociobio] racisme

door Knownothing » ma 04 okt 2004, 16:33

Racisme is in de eerste plaats anti-wetenschappelijk aangezien alle feiten erop wijzen dat mensenrassen niet bestaan. Daarom zou ik Xardas ook willen vragen om hier geen pleidooi voor racisme te houden, tenzij eventueel in het (k)leuterhoekje dat wij onder de naam "theorie-ontwikkelingsforum" kennen.

Re: [sociobio] racisme

door Anonymous » ma 04 okt 2004, 13:10

Racisme is te vergelijken met een hond die begint te blaffen als een vreemde voor zijn deur passeerd.

Re: [sociobio] racisme

door Xardas » ma 04 okt 2004, 10:25

Ik wil 'racisme' dan ook graag als volgt defigniëren: 'Racisme, is het gevolg van de angst die men voelt voor alles wat vreemd is binnen hun belevingswereld.'
1. Anti-racisme is een helder denkend persoon die met juiste feiten aan komt zetten afschilderen alszijnde nazist.

2. Anti-racisme is het niet kunnen maken van onderscheid.

3. Anti-racisme is een angst, die wordt onderdrukt door de realist uit te maken alszijnde xenofoob.

Kom maar eens hier maatje, kunnen we kijken wie de bangschijter is!

Re: [sociobio] racisme

door Xardas » ma 04 okt 2004, 10:11

Ik ben ook een racist, je bent volgens mij erg paranoia als je dat niet bent. Natuurlijk maak je (negatief) onderscheid tussen rassen. Net zoals je onderscheid zou maken tussen verschillende automerken. Ik ben ook heel erg geinteresseerd in de eugenetica -> http://www.natuurinformatie.nl/nnm.dossier...nl/i002033.html

Wat ik niet doe is generaliseren, ik kan het best goed vinden met een aantal allochtonen en daar heb ik ook respect voor.

Re: [sociobio] racisme

door Anonymous » vr 01 okt 2004, 11:22

Als iedereen werk heeft, goed verdiend en een lekker leven lijdt,dan verdwijnt rassisme als sneeuw voor de zon.Neem de basis weg van het probleem en alles lost zich zelf op.De moslem met een goed draaiende klerenwinkel en de goeddraaiende kruidenier aan de overkant lopen elkaar niet in de weg en steken lekker hun winst op zak.Beide heren zijn harde werkers,wat door velen niet begrepen wordt.

Re: [sociobio] racisme

door Anonymous » za 17 apr 2004, 00:45

Nietszche heeft o.a. geschreven over de übermensch, en velen weten ook dat dit nogal uit zijn verband is gerukt door A. Hitler. Niet te min kan men nogal rascistische zaken terugvinden in zijn filosofiën. Men kan dit onderkennen of bestrijden, doch blijft het veelal een zaak van interpretatie daar Nietszche niet bijzonder duidelijk was op dit punt. Ik denk dan ook dat we moeten denken aan het 'tussen de regels doorlezen' wil men dit zien. Ik interpreteer het in ieder geval zo en velen met mij, maar net zo velen zijn het niet met mij eens.

Enfin het gaat hier niet over Nietszche, het was Arjesara, die hier een zijweggetje creëerde waar iedereen gretig op in sprong. Ik ga mijn betoog niet herkauwen, noch verdedigen, het staat er zoals het staat. Dat is mijn visie erop, waar ik overigens ook niet alleen in sta. Racisme ontstaat uit angst voor het vreemdelingen, is angst voor het vreemde absoluut? Ik denk het niet en als je dat wel denkt ben je volgens mij heel erg naïef bezig.

Heb ik er toch weer meer over gezegd dan dat ik eigenlijk wilde.

Ron.

Re: [sociobio] racisme

door Anonymous » za 17 apr 2004, 00:36

arjesara schreef:Ron,

Wat heeft Nietsche in deze context voor racistische acties op zijn naam staan. Bovendien, wat jij nu beschrijft is xenofobie en is inherent niet hetzelfde als racisme.
Ik durf te beweren dat racisme voortvloeid uit Xenofobie, dit is natuurlijk niet strak te trekken, maar het is wel de meest logische verklaring.

Overigens het woord 'inherent' slaat nergens op in die context.

Ron.

Re: [sociobio] racisme

door arjesara » do 15 apr 2004, 12:57

Purpere Wolf: ik heb zelf te weinig van Nietsche gelezen om hier echt concreet op in te gaan, maar ik weet dat hij controversieel is en zeer sterk aan interpretatie onderhevig (ik zal het maar niet hebben over het feit dat de Ubermensch theorie van Nietsche is verkracht door Hitler). Maar als je dit beweert, zou ik dat graag met een citaat ondersteund zien.