Plaats een reactie

Je mail wordt niet openbaar getoond. Het wordt enkel gebruik voor contact of notificatie vanuit het beheer.

πŸ—¨οΈ Wat vind jij? Stel direct je vraag of geef je mening – zonder registratie. Je reactie zet het topic weer bovenaan bij 'Laatste posts' en trekt snel nieuwe reacties aanπŸ”₯. Mocht je als vaste bezoeker willen reageren, dan kun je je ook registreren.

Bevestig dat je geen robot bent door de volgende vragen te beantwoorden.

Noor heeft 10 knikkers. Ze verliest er 4 in het gras. Hoeveel heeft ze er nog?

Antwoord: (vul een getal in)

Er zitten 5 vogels op een hek. Twee vliegen weg. Hoeveel blijven er zitten?

Antwoord: (vul een getal in)

Weergave uitklappen Voorafgaande berichten: [wiskunde] Verzamelingenleer

Re: [wiskunde] Verzamelingenleer

door TD » za 11 jul 2020, 17:26

Aanvullend:
Autodidact1 schreef: ↑za 11 jul 2020, 06:44 Z = {..., -3, -2, -1, N } = {..., -3, -2, -1, {0,1,2,3,...} }
Dit klopt dus niet (rode gelijkheid).

Een element van een verzameling kan zelf een verzameling zijn, maar a, het element, en {a}, de verzameling met enkel het element a, zijn niet hetzelfde.

Zo geldt dus wel a ∈ {a,b,c} maar a βˆ‰ {{a},b,c} of ook a βˆ‰ {{a,b,c}}, maar bv. wel {a} ∈ {{a},b,c}.

Re: [wiskunde] Verzamelingenleer

door ctjacobs » za 11 jul 2020, 07:10

S heeft precies twee elementen, het ene element is {1,3,5} en dat is niet 2, het andere element is {2,4} en dat is ook niet 2.

Z /= {..., -3, -2, -1, N } = {..., -3, -2, -1, {0,1,2,3,...} } omdat die binnenste accolades er staan en
Z = {...,-3,-2,-1,0,1,2,3,...} _zonder_ die binnenste accolades.

Goed gebruik van de accolades is essentieel, bijvoorbeeld:
{} is de lege verzameling
{{}} is _niet de lege verzameling want het bevat een element, namelijk {}

[wiskunde] Verzamelingenleer

door Autodidact1 » za 11 jul 2020, 06:44

Dag allemaal

Ik heb een vraag over verzamelingenleer. In mijn cursus staat het volgende: (een parafrase)

Stel je hebt een verzameling S en S = {{1,3,5} , {2,4} } dan is 2 ∈ {2,4} maar 2 βˆ‰ S

Waarom is dit zo?

Als ik nu bijvoorbeeld de oneindige verzamelingen neem van de natuurlijke getallen en de gehele getallen dan geldt volgens mij dat:

N = {0,1,2,3,...}
Z = {..., -3, -2, -1, N } = {..., -3, -2, -1, {0,1,2,3,...} }

Als ik de stelling uit mijn cursus volg dat zou 1 dus een element zijn van de natuurlijke getallen maar niet van de gehele getallen. Maar dat klopt toch niet? Want alle natuurlijke getallen zijn ook gehele getallen maar niet andersom.

Wat doe ik mis?


Groetjes

Autodidact1