Algebruh schreef: βza 03 dec 2022, 00:15
Daarnaast lijkt het in je redenering dat afstand een absoluut begrip zou zijn en dat is wat misleidend.
Ik denk dat je dan nader moet omschrijven wat er dan misleidend aan is. Ik zeg ook niet dat afstand een absoluut begrip is maar samenhangt met de waarnemer. 2 waarnemers a en b die tov elkaar stilstaan op en afstand d= lengte(a,b) zoals zij die zelf op kunnen meten [1] betekent dat het licht daar een tijd lengte(a,b)/c over doet. maar 2 andere waarnemers a1 en b1 die stilstaan op een afstand d van elkaar maar tov a en b niet stilstaan meten precies hetzelfde dat het licht daar een tijd d/c over doet om van a1 naar b1 te komen. dus het is de afstand zoals de waarnemer dat opmeet waar de tijd uit volgt.
ik zeg dus niets over hoe a1 en b1 de afstand tussen a en b waarnemen.
je zou je dan dus af kunnen vragen wat er gebeurt in dezelfde situatie als a een lichtflits uitzend naar b maar juist voor dat moment versnelt naar bijboorbeel 0.5c [2] en bij een snelheid 1/2c die flits uitzend (in het limiet geval dat die versnelling over een oneindig korte tijd zou plaatsvinden) dan is de afstand nog steeds gelijk aan d maar de onderlinge snelheid is 1/2c. de vraag is wat dan de tijd is zoals b die waarneemt. dat zou dan nog steeds dezelfde tijd moeten zijn als het alleen gaat om de afstand tussen a en b en niet om de snelheid tussen a en b. als ook de snelheid van a van belang zou zijn dan zou b in dat geval een andere tijd moeten meten.
[1] via een 3e waarnemer die precies halverwege tussen a en b instaat en een lichtpuls flits1 uitzend. zodra a flits1 ontvangt zend a de luchtflits uit en zodra b flits1 otvangt start b de tijd meting.
[2] via een 3e waarnemer die precies halverwege tussen a en b instaat en een lichtpuls flits1 uitzend. zodra a flits1 ontvangt versnelt a ineen oneindig korte tijd naar 1/2c zend dan de luchtflits uit en zodra b flits1 ontvangt start b de tijd meting.