RVS is niet zo danig gemakkelijk te weerstandslassen aangezien de overgangsweerstand RVS-RVS in dezelfde grootte-orde ligt dan de weerstand van elk stuk apart. Dwz. dat de laslens in het midden van het stuk gaat liggen, en niet noodzakelijk in het overgangsgebied. Bij onderdelen met gelijke dikte valt dit probleem uiteraard weg.
Als je verschillende dikten materiaal moet lassen, moet je altijd een elektrode met een groter contactoppervlak aan de zijde van het diktste materiaal plaatsen. Je kan eenvoudig een kleine schets maken om te kijken welke diameter je dan voor de dunste en welke voor de dikste plaat moet gebruiken. Alleen dan krijg je de laslens op de juiste plaats.
Teken een hartlijn vanaf elektrode 1 door de materialen en als hartlijn door elektrode 2, trek daarna 2 lijnen vanaf de hoekpunten van de elektrode door het snijpunt van de hartlijn en het contactvlak van beide materialen. De raakpunten van deze lijnen met het oppervlak van het andere materiaal geeft de maat van de diameter van de tweede elektrode.
Daarnaast kan je berekenen welke parameters je moet instellen. Je moet dan wel een aantal zaken (hoofdvariabelen)weten zoals Materiaalsoort, eventuele deklaag, soortelijke weerstand van het materiaal, gewenste diameter van de laslens, maximale indruk van de elektrode. Als je de weerstand weet van het totaal, kan je berekenen hoeveel J(oule) warmte je moet hebben om een juiste laslens te krijgen. Je weet immers de smelttemperatuur van je materialen.
Overigens bestaat er (simulatie)software om bijvoorbeeld een puntlas te kunnen nabootsen op je scherm. Je kan dan 'spelen'met de parameters om te zien of de las gaat voldoen aan de gestelde eisen of niet. Zo heb je Sorpas (zeer prijzig, maar ook SpotSim (vele malen goedkoper) Je moet wel de laatste versie van SpotSim (4.0) hebben.
[quote]RVS is niet zo danig gemakkelijk te weerstandslassen aangezien de overgangsweerstand RVS-RVS in dezelfde grootte-orde ligt dan de weerstand van elk stuk apart. Dwz. dat de laslens in het midden van het stuk gaat liggen, en niet noodzakelijk in het overgangsgebied. Bij onderdelen met gelijke dikte valt dit probleem uiteraard weg.[/quote]
Als je verschillende dikten materiaal moet lassen, moet je altijd een elektrode met een groter contactoppervlak aan de zijde van het diktste materiaal plaatsen. Je kan eenvoudig een kleine schets maken om te kijken welke diameter je dan voor de dunste en welke voor de dikste plaat moet gebruiken. Alleen dan krijg je de laslens op de juiste plaats.
Teken een hartlijn vanaf elektrode 1 door de materialen en als hartlijn door elektrode 2, trek daarna 2 lijnen vanaf de hoekpunten van de elektrode door het snijpunt van de hartlijn en het contactvlak van beide materialen. De raakpunten van deze lijnen met het oppervlak van het andere materiaal geeft de maat van de diameter van de tweede elektrode.
Daarnaast kan je berekenen welke parameters je moet instellen. Je moet dan wel een aantal zaken (hoofdvariabelen)weten zoals Materiaalsoort, eventuele deklaag, soortelijke weerstand van het materiaal, gewenste diameter van de laslens, maximale indruk van de elektrode. Als je de weerstand weet van het totaal, kan je berekenen hoeveel J(oule) warmte je moet hebben om een juiste laslens te krijgen. Je weet immers de smelttemperatuur van je materialen.
Overigens bestaat er (simulatie)software om bijvoorbeeld een puntlas te kunnen nabootsen op je scherm. Je kan dan 'spelen'met de parameters om te zien of de las gaat voldoen aan de gestelde eisen of niet. Zo heb je Sorpas (zeer prijzig, maar ook SpotSim (vele malen goedkoper) Je moet wel de laatste versie van SpotSim (4.0) hebben.