Melk is een colloïde van kleine vetdeeltjes in water. De vetdeeltjes lossen niet op in water, maar scheiden zich ook niet in één fase af. De vetdeeltjes zorgen voor de witte kleur van de melk.
De witte kleur van melk wordt veroorzaakt door een colloidale suspensie van clusters van caseine. De clusters zijn ca. 0.1micrometer groot. Caseine is een eiwit, en geen vet! Magere melk bevat zeer weinig vet, maar is nog steeds wit.
De witte kleur van een colloide komt door verstrooiing van zichtbaar licht aan interne oppervlakken waar de brekingsindex van de stof verandert. Dit is dus een duidelijk teken van een inhomogene vloeistof. De intensiteit van de lichtverstrooiing is heel sterk afhankelijk van de deeltjesgrootte en de golflengte van het licht. Als je melk verdunt, wordt het daardoor blauwig (en een lamp waar je door verdunde melk naar kijkt wordt rood). Net als de lucht als er zonlicht doorheenschijnt.