penpal schreef:Of weet jij al stand van wetenschap die verklaart waarom het NIET toevallig is dat de maan en zon vanaf de aarde evengroot aan de hemel staan ?
Nee, en dat is alleen maar logisch, want de huidige stand van de wetenschap geeft aan dat het gegeven berust op de (toevallige) afstanden van beide hemellichamen tot de aarde. Niets wonderlijks aan, en dat voelen we allemaal aan. Ja toch? Als jij in de verte een man ziet staan en die heeft toevallig ogenschijnlijk dezelfde grootte als de pen die jij op dat moment naar voren steekt, dan ga je je toch ook niet afvragen of dat toevallig is of niet. Je weet toch dat dat door de afstand komt? En als je pen iets groter lijkt te zijn dat je dan met een paar passen achteruit lopend kunt bereiken dat pen en man even groot lijken?
Ik verplicht niemand tot geloven bij verwondering. Ik heb tot mijn negentiende niet geloofd en deze observatie zou daar niets aan veranderd hebben, ik begrijp niet goed waarom mensen steeds denken dat ik met verwondering iets bewijs, terwijl ik beweer dat we niets kunnen bewijzen.
Ik heb nooit gezegd dat je iets probeert met verwondering te bewijzen. Maar als je een logische, geaccepteerde wetenschappelijke verklaring voor iets hebt en kent, waarom je je daarover nog verwonderen? Voor de sport?
De wetenschap erkent volmondig hoe klein de kans is op leven op een planeet, hoezeer de aarde net tijdelijk ver genoeg van de zon af is en nog niet te ver. Dat toeval mogen we met z'n allen omhelzen, al vind ook ik dat we er niet over konden nadenken als we er niet waren, en dus kun je het gewoon toeval noemen, punt uit. De kans op geslaagde mutatie in het universum van de dubbelehelix, de chromosomen, de genen, wordt met het voortschrijden der kennis steeds kleiner (kan wel weer veranderen..) Hoe groot een kans was op een toestand die ook werkelijk het geval is, is wel degelijk een wetenschappelijk onderwerp, hele kleine kansen wel degelijk een onderwerp van wetenschappelijke verwondering. Welnu:
Hoe groot was de kans dat de maan de zon precies kon overdekken, want net zo groot aan de hemel stond, net in de periode dat de aarde ver genoeg van de zon was afgedwaald om leven voort te kunnen brengen ? (nog los van de vereiste afstand van de maan om met de aarde een gemeenschappelijk draaipunt onder diens aardoppervlak te delen, waardoor deze op de vereiste temperatuur kon blijven?)?
Eeen dergelijk geformuleerde vraag, zou tot een gruwelijk klein kansje kunnen leiden, want de afmeting van de -al dan niet- uit de planeet geboren sateliet moet dan ook nog in verhouding zijn en de afstand tot centrale ster, oef, klein kansje toch?
Ik vind het ook logisch dat iets dat dichtbij is groter lijkt dan iets dat ver weg is. Ik doe zelfs aan perspectief-tekenen. Die wetenschappelijke kans is 100% , dus geen kans, kan nooit iemand bedoeld hebben. Maar de kans dat dat bolletje die ster op 150 miljoen kilometer exact overlapt, (en ook nog eens aan een sloot andere eigenaardigheden voldoet) die is niet 100% Die is wetenschappelijk wel interessant om over te praten.
Wanneer men dat niet wil (praten , oninteressant, herhaling) moet men er niet steeds wat anders over zeggen, dat er eigenlijk niet over gaat. Hoe kan mij dan nog gebrek aan diepgang of filosofisch gehalte verweten worden?
Maar ik heb inmiddels gelezen dat de wetenschap hier voorkeur verdient en dat mijn stijl hier (inderdaad) niet thuis hoort.
Overigens heb ik een aantal dingen over de wetenschappelijke methoden en haar effect in de maatschappij behandeld waar ik wellicht nog eens op terug kom
(geen pijnstillers voor kinderen in onze ziekenhuizen minstens tot 1985! Wie reageert? Help mij uit de droom, zeg dat het niet zo is.. Of bevestig dat ik helaas gelijk heb.. Ooit van gehoord, was toch op tv en in de media?)
Ik erken wel de stand van kennis zoals iedereen, en de stand van filosofie, waar ik overigens ruimschoots overheen ben afgestudeerd: in de kameleontologie..
De kameleontologie, eigen richting. Afgestudeerd daarin? Ik heb er in ieder geval nog nooit iets over gelezen behalve op je eigen website.
(Filosofische bibliotheek Groningen, heeft een verplicht exemplaar ('88/'89), destijds een oplaag van tweehonderd verspreid ook op theologische faculteit, (godsdienstwijsbegeerte) Tegen astronomisch bedrag bij mij te bekomen..
Met veel genoegen, was het vonnis. Geertsema 'Eerste professor'zit/zat bij de VU.
correct dat was collumnistische spielerei. Ik hoop dat de manier waarop ik het hierboven desavoueer, met toelichting bij de feitelijke strategie die ik bedreef, plus het argument dat die antimaterie overbodig is in dat uitstekende betoog (en er dus onnodig afbreuk aan doet, mijn excuses en dank) onderhoudend en leerzaam was voor velen zoals ook voor mij.
Om het kort te houden: we willen hier geen columnistische spielerei als die kan leiden tot misverstanden. We willen duidelijke, gefundeerde, rationele discussies, met een duidelijke vraagstelling en een goede argumentatie.
Dank dat je me wijst dat anderen mij voorgingen bij gedachten lichtsnelheid en thelepathie. Dat is een hele opluchting, want dat betekent dat ik het hier over deze zaken mag hebben, zolang ik het op de mij vertrouwde degelijke (maar speelse) wijze benader.
Graag gedaan, maar lees ook even dit:
http://sciencetalk.nl/forum/invision ... opic=23062
Vind je het wel netjes iemand recht in zijn gezicht als academicus te betwijfelen?
Dat ik me niet helemaal aan jullie cultuurtje hou, dat zie ik inmiddels in, maar dat er geen filosofen zouden zijn die ietsje meer hechten aan de filosofie (godsdienstwijsbegeerte, ethiek, wellicht ..) en ietsje minder aan de wetenschap, dat weet je zelf beter:
Je verbiedt die filosofen immers, maant ze elders te debatteren, die minder het zwaartepunt op de wetenschap leggen, dus je weet dat ze bestaan. Of kunnen ze tegenwoordig echt nergens meer afstuderen?
De wetenschappelijk methodische voorwaarden die jullie aan de topics stellen, daar voldoet volgens de modernste wetenschapsfilosofische inzichten geen enkele wetenschappelijke theorie aan:
Altijd is er sprake van cycliciteit, cirkelgang, uitgangspunten die door de theeorie zelf tot feit worden uitgeroepen...
Daar waar men dat niet ziet , leest men anderen de les met criteria waar men zelf niet aan voldoet of zelfs maar aan kan voldoen.
Dit is de huidige stand van inzicht in de wetenschapsfilosofie. De wetenschap kan dat niet zelf beslissen, zij laat dat terecht aan de wetenschapsfilosofie over (vaak dezelfde mensen).
falsificatie is allang vervangen door instrumentalisme om dezelfde reden. [omdat cyclische theorieen immuun zijn tegen falsificatie].
en dan het derde criterium: toetsbaarheid. Hallo! Ok, ok, een wetenschapsforum, maar wat doet die categorie Filosofie theologie en ethiek hier dan?
[overigens maak ik mijn redeneringen, door ze voor iedereen inzichtelijk te maken, 'toetsbaar': lezers kunnen zelf constateren of mijn argumenten voor hen dezelfde waarde hebben als voor mij. Ik bedrijf dus gewoon toetsbare filosofie, zo toetsbaar als de mens maar in staat is]
En wie bepaalt of het 'toetsbaar, falsifieerbaar en niet cyclisch is'?
Tuurlijk, moet gebeuren, maar als het niet kan, omdat de criteria op een filosofische illusie gebaseerd zijn, dan moet het wel naar willekeur gebeuren, die mogelijk te goeder trouw zichzelf niet door heeft.
Zoals wanneer zij (die goede trouw) niet weet dat de criteria achterhaald zijn: toetsbaarheid, falsifieerbaarheid en afwezigheid van cycliciteit blijkt in het wetenschappelijk bedrijf geen haalbare zaak. (Gelukkig levert die zaak nietemin bruikbare beheersingsstrategieen..)
En dan hebben we het nog niet eens over de wetenschaps-sociologische factoren die juist doorslaggevend zijn (logisch als er criteria 'waar niets aan voldoet' moeten worden aangewend, dan krijg je een soort 'kleren van de keizer op de ape-n-rots').
Kijk maar naar onze kindjes, die tot 1985 bij operaties geen pijnstillers kregen: Dat iedereen die ene professor nabouwde, was een sociologische zaak met een biologische oorzaak. En zo gaat het overal. Ook als het wel goed gaat. Door dat aperots-mechanisme liggen monsters van collectieve uitglijders op de loer..
De essentie van een forum is dat er deelnemers zijn.
Met een gezamenlijke interesse, en op dit forum is dat wetenschap.
Entertainment, contact, het schrijven zijn zaken die zeker belangrijk zijn. Maar de nadruk op dit forum ligt niet bij filosofie, het ligt bij wetenschap. Filosofie is daar maar een onderdeel van. Waarbij ook filosofie aan bepaalde regels gebonden is.
Ik houd mij wel degelijk aan de filosofische regels, zoals ze bestaan en zouden moeten bestaan. Als je goed kijkt zul je zien dat vrijwel iedere reactie op mij persoonlijk was, en dat ik er desnietemin in slaagde vrijwel elk gesprek naar iets inhoudelijks om te buigen met vermakelijke en verrassende resultaten (gezicht van de maan was er eeen van) ik noem dit de 'full-contact' techniek: eerlijk, diep en geinspireerd dollen met de feitjes, dan komt er vanzelf een gesprek op gang. Het gebrek aan gehalte valt naar mijn stellige overtuiging niet mij te verwijten, ik heb het debat nog naar vermogen opgekrikt.
Blijft het punt dat hier gezellig was, voor ik kwam. Ik wil die genoegelijkheid natuurlijk niet onnodig lang verstoren.
Zelf heb ik genoten! Ik was sinds mijn vijftigste verjaardag, een maand geleden mijn computer kwijt en tiepte al maanden niet meer omdat er telkens kortsluiting optrad. Sinds donderdag kon ik weer eens lekker wat schrijven, man! dat lucht op..
misschien had ik jullie er niet voor moeten misbruiken, maar ik was getipt dat ik hier misschien mijn ei kwijt kon, en de titel/categorie leek erop te duiden, nietwaar..
vriendelijke groet Penpal
ik zal deze postings van mij, op
http://www.straatwijs.nl zetten (onderaan) en de discussies met mijzelf continueren, dan kan men altijd per e-mail meedoen, tot ik er een forumpje van heb kunnen maken.. dan kan men gewoon meedoen, maar wel sportief hoor! Ik doe het net zo lief alleen..
Hartelijk dank voor de inspiratie iedereen! Ik blijf nog wel even hangen
vriendelijke groet penpal
ps Ik begrijp dat ik volgens de regels eerst had moeten kijken wat er al behandeld was op dit prikbord en dan pas iets er aan toe voegen. Ik heb inderdaad niet of nauwelijks gekeken.. Knap hoor dat jullie zo collectief aan groei en voortzetting van hetzelfde discours werken ! Ik zal zien wat ik in de toekomst kan betekenen.
Als je/jullie vinden dat ik beter bij de algemene 'social talk' pas, (die had ik niet opgemerkt), verplaats me dan gerust! (Maar dan wel graag alle vier tegelijk? da's lekker gezellig bij elkaar en de betogen-/kofiepraatjes- verwijzen ook onderling naar elkaar en vullen elkaar aan)
nogmaals hartelijk dank en excuses voor onaangepast gedrag... penpal
er is zo diep over nagedacht dat het niet meer opvalt......(ik zeg ook domme dingen, ha ha)
Men verwijt mij stellingen niet te beargumenteren....vraag gerust!
bijv er is geen geloofskeus alleen geloofslot:
'gedachten' experiment: allemaal vijf minuten wel geloven en dan weer vijf minuten niet, een uur lang......Lukt niet, snapt iedereen....waarom? We hebben helemaal geen (niet zo'n) vrije geloofskeus.... Het is meer constateren, dan kiezen, wat je gelooft..
(geloofslot niet te verwarren met geloofsslot). penpal
correctie op recentst gevonden zeperd...
(ik was vergeten hoe het ook weer zat, dat van die 'Tijd achteruit' was het enige dat ik belangerijk vond en dat heb ik dan ook zelf bedacht, maar vast niet als enige...wie weet hier bronnen van?):
Als Einstein met de snelheid van het licht vliegt , gaat zijn Volume [!] naar nul en staat de Tijd stil (en zijn massa wordt oneindig groot). Als hij nog harder gaat, wordt Einstein 'anti-ruimte' en gaat de Tijd achteruit! Laat ons dit beseffen (maar niet heus, lukt niemand, toch?)
(dan) Is die leegte die wij materie noemen misschien gewoon in de toekomst geschapen , waar de ontknoping al heeft plaatsgevonden, en wordt er steeds meer verleden bijgeflanst...
vg penpal
ik dee wat research en vond meteen wat jullie waarschijnlijk allang weten
maar toch (eerst een quootje van het besluit met de essentie):
Vermeld mag worden het werk van Victor Troitskii van het Radiophysical Research Institute te Gorky, USSR. Troitskii publiceerde in 1987 een studie [6]) naar de betekenis van roodverschuiving in sterrenlicht, dat algemeen wordt geïnterpreteerd als een Doppler-effect. Hij kwam tot de conclusie dat er wellicht geen Doppler-effect optreedt, maar dat de roodverschuiving te maken heeft met wijzigingen in de lichtsnelheid. Die is nl. in een ver verleden zeer vele malen hoger geweest, nl 10 tot de 10de maal (10 miljard) de huidige, wat in de buurt ligt van Setterfields aanname. In zijn model is de lichtsnelheid op een bepaald moment (ziet U de terugkeer van de absolute tijd!) overal in het heelal gelijk, en is het heelal statisch (het dijt niet uit of krimpt niet in), zoals ook door Setterfield was geconcludeerd.
T.C. van Flandern, werkzaam bij het US Naval Observatory in Washington, kwam bij zijn controle van metingen aan de omlooptijd van maan en planeten, gedaan van 1955 -1981, iets eigenaardigs tegen. Die metingen waren gedaan met behulp van een atoomklok, omdat de precisie daarvan zo groot is. Maar het leek alsof die hemellichamen wat sneller waren gaan bewegen. Vergelijkingen met dezelfde metingen gedaan met conventionele klokken gaven een verschil van meetbare omvang te zien. Maar de vertraging die hij bij de eerste serie opmerkte, trad hier niet op. Hij concludeerde dat de atoomklokken trager waren gaan lopen t.o.v. de hemellichamen, of dat de hemellichamen sneller waren gaan omwentelen. Deze laatste stelling verwierp hij direct, omdat daarvoor geen andere aanwijzingen waren. Dus besloot hij dat de atoomklokken vertraagden[7]). Omdat atoomklokken in de pas lopen met de lichtsnelheid, volgt hieruit dat in de periode 1955-1981 ook het licht vertraagde, wat weer in overeenstemming is met Setterfields onderzoekingen betreffende de metingen over de laatste 300 jaren.
De Brits-Portugese prof. João Magueijo schreef in 1999: Noem het ketterij, maar al de grote kosmologische problemen smelten als sneeuw voor de zon, als je één regel overtreedt, de regel nl. die zegt dat de lichtsnelheid nooit varieert [8]). Hij herhaalde deze uitspraak in een BBC TV-programma op 23-10-2000 [9]), waarbij diverse wetenschappelijke persoonlijkheden aanwezig waren.
Verder komen talloze onderzoekers die hier niet verder worden aangehaald tot overeenkomstige conclusies. Maar de bovenstaande zijn voldoende om de duidelijke trend aan te geven. Wat niet wil zeggen, dat deze conclusies algemeen worden aanvaard. Dat is echter inherent aan wetenschappelijk werk.
En wie wil, de rest (der zit een merkwaardige 'creationistische' link in, echter de wetenschap lijkt de moeite waard)
SEARCH WEBSITE
(Wetenschappelijke onderwerpen / Een nieuw kosmologisch model)
Up Snelheid van licht Vacuum en ZPE Roodverschuiving Nieuw model kosmos
Onderzoeken naar de lichtsnelheid
Nieuw 14/09/2004
Samenvatting: De lichtsnelheid wordt heden ten dage algemeen beschouwd als constant, waarmee dan een hele serie andere 'natuurconstanten' dus ook constant = onveranderlijk zijn. Setterfields onderzoek geeft aanleiding om daar grote vraagtekens bij te zetten. En hij is beslist niet de enige. Hieronder volgt het verhaal.
Galileï
Van de oudheid tot in de middeleeuwen werd de snelheid van het licht als oneindig gezien. Er waren hier en daar wel dissidenten, maar die werden niet serieus genomen. De eerste moderne wetenschapper, die vermoedde dat licht een eindige snelheid heeft, was Galileï (1564-1642). Hij stelde in 1638 voor om dat te meten, en gaf aan dat een combinatie van lampen, telescopen en sluiters, over afstanden van enkele kilometers, een antwoord op die vraag zou kunnen geven. In 1667 schijnt er in Florence zon experiment te zijn geweest, echter met onduidelijke resultaten. Natuurlijk geen wonder, met de toenmalige middelen!
Rømer
Toch hield dit vraagstuk de aandacht gevangen. In 1675-1677 deed de Deense astronoom Ole Christensen Rømer (1644-1710) een aantal metingen aan de omlooptijd van de Jupiter-maan Io. Er bleken verschillen te bestaan tussen de metingen gedaan terwijl de aarde in de richting van Jupiter bewoog en die, gedaan als de aarde van Jupiter af bewoog. Rømer berekende daaruit de snelheid van het licht als zijnde 307.600 ± 5400 km/sec. In de loop van de tijd zijn er nog vele metingen gedaan en met verschillende methoden. Opvallend is, dat al die methoden door de tijd heen een duidelijke afname van de lichtsnelheid laten zien, waarbij de foutmarges van die metingen ruimer worden naarmate ze ouder zijn. Dat ligt niet alleen aan het relatief gebrekkige instrumentarium maar ook aan de stand van de kennis in die tijd.
Einstein
De reden dat er nooit veel aandacht is geschonken aan het vermoeden dat de snelheid van het licht niet constant was, ligt in het feit, dat men in een geordend heelal niet goed raad wist met een afnemende lichtsnelheid. Het paste niet goed in de denkwijze. En evenals na Galileï en Kepler nog velen vasthielden aan cirkelvormige banen voor de planeten omdat dat beter overeen kwam met hun idee van volmaakte ordening zo landde ook het idee van een variable lichtsnelheid niet echt. Toen Einstein (1879-1955) zijn relativiteits-theorieën had gepubliceerd (1905, 1916) waarbij hij als uitgangspunt nam dat de lichtsnelheid de constante factor is in het heelal, zagen nog maar weinigen het nut in van een studie naar de lichtsnelheid, want zo redeneerde men Einstein heeft aangetoond (dat is niet juist: E. heeft aangenomen) dat die constant is en bovendien kunnen die verschillen in de metingen wel toe te wijzen zijn aan onvolkomenheden van apparatuur en methoden. Men lag er niet wakker van.
Birge
Prof. R.T. Birge publiceerde in 1941 een artikel met als titel: Met speciale verwijzing naar de lichtsnelheid [1]), handelend over de veranderende waarden van atomaire constanten. Een citaat: Elk geloof in de verandering van de fysieke natuurconstanten is in tegenspraak met de geest van de wetenschap. Hiermee leek het finale oordeel uitgesproken. Aan de onderzoeken naar de variabiliteit van de lichtsnelheid kwam een eind. Totdat...
Setterfield 1
In 1983 verscheen een monograaf [2]) van de hand van de Australische fysicus/geoloog Barry Setterfield (1942-), waarin hij melding doet van zijn research naar de variabiliteit van de lichtsnelheid, waaraan gekoppeld de variabiliteit van vele natuur-constanten, en de consequenties voor vele gebieden van de natuurkunde. Zo komt hij op een heelal dat niet ouder kan zijn dan zon 18.000 jaar! Het was een eerste poging om serieus met die materie om te gaan. Eerder was dit werk gepubliceerd door de Creation Science Foundation in Australië als een serie artikelen. Setterfield presenteerde zijn werk op een Creationistische conventie in de USA in 1983. Daarop werd heel wat commentaar geleverd, dat hij heeft gebruikt om een tweede, meer uitgerijpte versie van zijn werk te schrijven. Hij werkte daartoe samen met Flinders University in Australië. De wiskundige Trevor Norman assisteerde hem bij al het rekenwerk en controleerde de juistheid en de consistentie daarvan.
Setterfield 2
De fysicus Lambert T. Dolphin van Stanford Research Institute (SRI) kreeg lucht van dit onderzoek en nodigde Setterfield en Norman uit om hun onderzoek uit te werken en een research rapport over deze materie te schrijven met de bedoeling om een interne discussie op gang te brengen binnen SRI. Zo ontstond in 1987 het tweede, veel meer uitgerijpte rapport[3]). Hierin wordt het onderwerp zeer diepgaand behandeld en de mogelijke consequenties worden geanalyseerd en doorgerekend. Die leken nogal ingrijpend te zijn. Na publicatie door Flinders ontstond er een levendige discussie, voornamelijk onder creationisten. Flinders vroeg daarop Setterfield en Norman om een seminar te beleggen om het onderwerp aan de orde te stellen. Maar voordat het zover kwam, werden zowel Flinders als SRI opgebeld door dr. G.A. Aardsma, een medewerker van het Amerikaanse Institute of Creation Research (ICR), met de vraag of zij wisten dat Setterfield en Norman creationisten waren. Als gevolg hiervan kwam Normans job op de tocht te staan en werd Setterfield de toegang tot Flinders ontzegd. Toevallig(?) werd juist een reorganisatie doorgevoerd bij SRI en Dolphin met zijn staf kwamen op straat te staan. Beide instituten trokken hun support voor het werk in. De presentatie van het werk op de Europese Creationistische conferenties in 1984 en 1988 door de Britse fysicus en civiel ingenieur Malcolm Bowden ontmoette slechts oorverdovend stilzwijgen. Ook in creationistische kringen was het onderwerp kennelijk taboe.
Strijd rond het Setterfield rapport
Dr. G.A. Aardsma, astro/geofysicus, verbonden aan het ICR, schreef in 1988 een analyse van Setterfield en Normans statistische werk met een vernietigende conclusie[4]). Setterfield mocht eenmaal van repliek dienen, maar bij de beantwoording van de vele kritische vragen is hij niet meer betrokken geweest. Aardsmas behandeling van Setterfields werk doet diens werk geen recht. Hij heeft zich niet echt verdiept in de materie, zoals later Alan Montgomery, maar heeft incorrecte statistische methoden op de meetgegevens losgelaten, en zo vond hij een uitkomst die hem welgevallig was. Volgens Aardsma lag de gemiddelde lichtsnelheid over de gemeten tijd verwaarloosbaar boven de huidige, minder dan één standaard-deviatie. Conclusie: te weinig om enige waarde hebben. Case dismissed. Het is jammer dat het zolang duurde voordat hierop werd gereageerd. Pas in oktober 1993 publiceerden Lambert Dolphin (vml. SRI fysicus) en Alan Montgomery (wiskundige) een grondige analyse van Setterfields behandeling van zijn meetgegevens[5]). Zij plaatsten kritische noten bij die behandeling, maar hun eigen analyses confirmeerden Setterfields conclusie tot een afnemende lichtsnelheid. Aardsmas werk werd als beneden de maat afgewezen. Deze uitkomsten werden gepresenteerd op de Internationale Creationistische Conferentie in 1994 in de USA. Maar er is nooit op gereageerd. Intussen is Aardsma na een meningsverschil opgestapt bij het ICR.
Consequenties van Vc (variabele lichtsnelheid)
Het verval van de lichtsnelheid wijst volgens Setterfield op een jong heelal met initieel een lichtsnelheid die 4x1011 maal zo groot is als de huidige waarde en die via een steil aflopende curve nadert tot de huidige lichtsnelheid van ± 299.792 km/sec. Op deze curve zit dan nog een kleine rimpel, waardoor de lichtsnelheid niet precies constant is, maar nog kleine veranderingen ondergaat. Als Setterfield gelijk heeft, dan was de lichtsnelheid in Jezus tijd zon 25% hoger, tweemaal zo hoog in de tijd van Salomo en viermaal in Abrahams tijd. Vóór 3.000 v.Chr. is de snelheid dan al 10 miljoen maal zo hoog!
Omdat radioactieve vervalsnelheden evenredig zijn met de lichtsnelheid, moeten ook daarop correcties worden aangebracht. Deze leiden tot de conclusie dat bv. de uranium-lood metingen, die globaal uitkomen op een aarde-leeftijd van 4,5 miljard jaar, moeten worden teruggebracht tot een waarde van ± 8.000 jaar. Setterfield onderscheidt een dynamische klok en een atoom-klok. De dynamische klok geeft de tijd aan, gestuurd door de omwentelingen van de aarde om de zon en de omwenteling van de aarde om zijn as (jaren en dagen). De atoom-klok wordt gestuurd door processen in het atoom. Maar omdat deze processen evenredig zijn met de lichtsnelheid, en die lichtsnelheid wordt verondersteld hoger te zijn geweest in het verleden, lopen die klokken niet gelijk. Op de atoomklok is de aarde 4,5 miljard jaar oud, maar op de dynamische klok rond de 8.000 jaar. En met deze laatste klok meten wij nu eenmaal onze tijd.
Uiteraard is er heel wat kritiek op deze publicatie geweest, die echter door Setterfield op goede wetenschappelijke wijze is beantwoord. Ook de diepgaande analyse van Setterfields data door de Canadese statisticus Alan Montgomery bevestigde Setterfields aanpak. Het is niet niks, als een hele serie als natuurconstanten beschouwde gegevens plotseling variabelen blijken te zijn.
Ook is er af en toe beweerd, dat wij in onze tijd geen enkele afwijking van de lichtsnelheid meer waarnemen, hoewel ons instrumentarium de daartoe benodigde precisie heeft. Verschillende onderzoekers, waaronder Setterfield, hebben erop gewezen dat deze metingen worden gedaan met atoomklokken, die zelf in de pas met de lichtsnelheid variëren. Dus zelfs een belangrijke afwijking in de lichtsnelheid wordt met deze methoden niet waargenomen.
De resterende consequenties vallen buiten de reikwijdte van dit onderwerp. Ze komen eventueel aan de orde in andere artikelen, evenals zijn research naar het ontstaan van het heelal.
Andere onderzoeken
Vermeld mag worden het werk van Victor Troitskii van het Radiophysical Research Institute te Gorky, USSR. Troitskii publiceerde in 1987 een studie [6]) naar de betekenis van roodverschuiving in sterrenlicht, dat algemeen wordt geïnterpreteerd als een Doppler-effect. Hij kwam tot de conclusie dat er wellicht geen Doppler-effect optreedt, maar dat de roodverschuiving te maken heeft met wijzigingen in de lichtsnelheid. Die is nl. in een ver verleden zeer vele malen hoger geweest, nl 1010 maal de huidige, wat in de buurt ligt van Setterfields aanname. In zijn model is de lichtsnelheid op een bepaald moment (ziet U de terugkeer van de absolute tijd!) overal in het heelal gelijk, en is het heelal statisch (het dijt niet uit of krimpt niet in), zoals ook door Setterfield was geconcludeerd.
T.C. van Flandern, werkzaam bij het US Naval Observatory in Washington, kwam bij zijn controle van metingen aan de omlooptijd van maan en planeten, gedaan van 1955 -1981, iets eigenaardigs tegen. Die metingen waren gedaan met behulp van een atoomklok, omdat de precisie daarvan zo groot is. Maar het leek alsof die hemellichamen wat sneller waren gaan bewegen. Vergelijkingen met dezelfde metingen gedaan met conventionele klokken gaven een verschil van meetbare omvang te zien. Maar de vertraging die hij bij de eerste serie opmerkte, trad hier niet op. Hij concludeerde dat de atoomklokken trager waren gaan lopen t.o.v. de hemellichamen, of dat de hemellichamen sneller waren gaan omwentelen. Deze laatste stelling verwierp hij direct, omdat daarvoor geen andere aanwijzingen waren. Dus besloot hij dat de atoomklokken vertraagden[7]). Omdat atoomklokken in de pas lopen met de lichtsnelheid, volgt hieruit dat in de periode 1955-1981 ook het licht vertraagde, wat weer in overeenstemming is met Setterfields onderzoekingen betreffende de metingen over de laatste 300 jaren.
De Brits-Portugese prof. João Magueijo schreef in 1999: Noem het ketterij, maar al de grote kosmologische problemen smelten als sneeuw voor de zon, als je één regel overtreedt, de regel nl. die zegt dat de lichtsnelheid nooit varieert [8]). Hij herhaalde deze uitspraak in een BBC TV-programma op 23-10-2000 [9]), waarbij diverse wetenschappelijke persoonlijkheden aanwezig waren.
Verder komen talloze onderzoekers die hier niet verder worden aangehaald tot overeenkomstige conclusies. Maar de bovenstaande zijn voldoende om de duidelijke trend aan te geven. Wat niet wil zeggen, dat deze conclusies algemeen worden aanvaard. Dat is echter inherent aan wetenschappelijk werk.
http://people.zeelandnet.nl/kielmp/snelhei...d_van_licht.htm
zo dat is toch wat ....?.. vg penpal
nog even over maan net zo groot als zon:
ik bedoel gewoon in het algemeen dat verwondering en enthousiasme psychisch gezond is, en dat dit een wetenschappelijk toeval is, kleine kans op, in het universum.
Niet dat iets dichtbij groter lijkt dan iets groters ver genoeg weg, die kans is 100%, en dan spreek je doorgaans niet van kans, maar dat de maan exact dezelfde afmeting heeft voor het blote oog op aarde als de zon, die kans is bijzonder klein..
En dat heeft poetische romantische mythische en wetenschappelijke consequenties (corona onderzoek) en nog veel meer,
die kleine kans op de maan zoals zij is moet wellicht meegenomen worden in de 'berekening' van kans op leven, zoals op aarde.. al zal wellicht blijken dat de sateliet niet even groot als de ster hoeft te lijken vanaf de planeet om een soort leven als op aarde mede mogelijk te helpen maken..
vriendelijke groet penpal
[quote][quote='penpal']Of weet jij al stand van wetenschap die verklaart waarom het NIET toevallig is dat de maan en zon vanaf de aarde evengroot aan de hemel staan ?[/quote]Nee, en dat is alleen maar logisch, want de huidige stand van de wetenschap geeft aan dat het gegeven berust op de (toevallige) afstanden van beide hemellichamen tot de aarde. Niets wonderlijks aan, en dat voelen we allemaal aan. Ja toch? Als jij in de verte een man ziet staan en die heeft toevallig ogenschijnlijk dezelfde grootte als de pen die jij op dat moment naar voren steekt, dan ga je je toch ook niet afvragen of dat toevallig is of niet. Je weet toch dat dat door de afstand komt? En als je pen iets groter lijkt te zijn dat je dan met een paar passen achteruit lopend kunt bereiken dat pen en man even groot lijken?
[quote]Ik verplicht niemand tot geloven bij verwondering. Ik heb tot mijn negentiende niet geloofd en deze observatie zou daar niets aan veranderd hebben, ik begrijp niet goed waarom mensen steeds denken dat ik met verwondering iets bewijs, terwijl ik beweer dat we niets kunnen bewijzen.[/quote]Ik heb nooit gezegd dat je iets probeert met verwondering te bewijzen. Maar als je een logische, geaccepteerde wetenschappelijke verklaring voor iets hebt en kent, waarom je je daarover nog verwonderen? Voor de sport?[/quote]
De wetenschap erkent volmondig hoe klein de kans is op leven op een planeet, hoezeer de aarde net tijdelijk ver genoeg van de zon af is en nog niet te ver. Dat toeval mogen we met z'n allen omhelzen, al vind ook ik dat we er niet over konden nadenken als we er niet waren, en dus kun je het gewoon toeval noemen, punt uit. De kans op geslaagde mutatie in het universum van de dubbelehelix, de chromosomen, de genen, wordt met het voortschrijden der kennis steeds kleiner (kan wel weer veranderen..) Hoe groot een kans was op een toestand die ook werkelijk het geval is, is wel degelijk een wetenschappelijk onderwerp, hele kleine kansen wel degelijk een onderwerp van wetenschappelijke verwondering. Welnu:
Hoe groot was de kans dat de maan de zon precies kon overdekken, want net zo groot aan de hemel stond, net in de periode dat de aarde ver genoeg van de zon was afgedwaald om leven voort te kunnen brengen ? (nog los van de vereiste afstand van de maan om met de aarde een gemeenschappelijk draaipunt onder diens aardoppervlak te delen, waardoor deze op de vereiste temperatuur kon blijven?)?
Eeen dergelijk geformuleerde vraag, zou tot een gruwelijk klein kansje kunnen leiden, want de afmeting van de -al dan niet- uit de planeet geboren sateliet moet dan ook nog in verhouding zijn en de afstand tot centrale ster, oef, klein kansje toch?
Ik vind het ook logisch dat iets dat dichtbij is groter lijkt dan iets dat ver weg is. Ik doe zelfs aan perspectief-tekenen. Die wetenschappelijke kans is 100% , dus geen kans, kan nooit iemand bedoeld hebben. Maar de kans dat dat bolletje die ster op 150 miljoen kilometer exact overlapt, (en ook nog eens aan een sloot andere eigenaardigheden voldoet) die is niet 100% Die is wetenschappelijk wel interessant om over te praten.
Wanneer men dat niet wil (praten , oninteressant, herhaling) moet men er niet steeds wat anders over zeggen, dat er eigenlijk niet over gaat. Hoe kan mij dan nog gebrek aan diepgang of filosofisch gehalte verweten worden?
Maar ik heb inmiddels gelezen dat de wetenschap hier voorkeur verdient en dat mijn stijl hier (inderdaad) niet thuis hoort.
Overigens heb ik een aantal dingen over de wetenschappelijke methoden en haar effect in de maatschappij behandeld waar ik wellicht nog eens op terug kom
(geen pijnstillers voor kinderen in onze ziekenhuizen minstens tot 1985! Wie reageert? Help mij uit de droom, zeg dat het niet zo is.. Of bevestig dat ik helaas gelijk heb.. Ooit van gehoord, was toch op tv en in de media?)
[quote][quote]Ik erken wel de stand van kennis zoals iedereen, en de stand van filosofie, waar ik overigens ruimschoots overheen ben afgestudeerd: in de kameleontologie..[/quote] De kameleontologie, eigen richting. Afgestudeerd daarin? Ik heb er in ieder geval nog nooit iets over gelezen behalve op je eigen website.[/quote]
(Filosofische bibliotheek Groningen, heeft een verplicht exemplaar ('88/'89), destijds een oplaag van tweehonderd verspreid ook op theologische faculteit, (godsdienstwijsbegeerte) Tegen astronomisch bedrag bij mij te bekomen..
Met veel genoegen, was het vonnis. Geertsema 'Eerste professor'zit/zat bij de VU.
[quote][quote]correct dat was collumnistische spielerei. Ik hoop dat de manier waarop ik het hierboven desavoueer, met toelichting bij de feitelijke strategie die ik bedreef, plus het argument dat die antimaterie overbodig is in dat uitstekende betoog (en er dus onnodig afbreuk aan doet, mijn excuses en dank) onderhoudend en leerzaam was voor velen zoals ook voor mij.[/quote]
Om het kort te houden: we willen hier geen columnistische spielerei als die kan leiden tot misverstanden. We willen duidelijke, gefundeerde, rationele discussies, met een duidelijke vraagstelling en een goede argumentatie.[/quote]
[quote][quote]Dank dat je me wijst dat anderen mij voorgingen bij gedachten lichtsnelheid en thelepathie. Dat is een hele opluchting, want dat betekent dat ik het hier over deze zaken mag hebben, zolang ik het op de mij vertrouwde degelijke (maar speelse) wijze benader.[/quote] Graag gedaan, maar lees ook even dit:http://sciencetalk.nl/forum/invision/index.php?showtopic=23062[/quote]
Vind je het wel netjes iemand recht in zijn gezicht als academicus te betwijfelen?
Dat ik me niet helemaal aan jullie cultuurtje hou, dat zie ik inmiddels in, maar dat er geen filosofen zouden zijn die ietsje meer hechten aan de filosofie (godsdienstwijsbegeerte, ethiek, wellicht ..) en ietsje minder aan de wetenschap, dat weet je zelf beter:
Je verbiedt die filosofen immers, maant ze elders te debatteren, die minder het zwaartepunt op de wetenschap leggen, dus je weet dat ze bestaan. Of kunnen ze tegenwoordig echt nergens meer afstuderen?
[quote][quote]Ik ga ervan uit dat velen in dit en ieder vakgebied in herhaling vallen[/quote]. Dat proberen we te voorkomen. Zie onze regels:http://sciencetalk.nl/forum/invision/index.php?showtopic=164[/quote]
De wetenschappelijk methodische voorwaarden die jullie aan de topics stellen, daar voldoet volgens de modernste wetenschapsfilosofische inzichten geen enkele wetenschappelijke theorie aan:
Altijd is er sprake van cycliciteit, cirkelgang, uitgangspunten die door de theeorie zelf tot feit worden uitgeroepen...
Daar waar men dat niet ziet , leest men anderen de les met criteria waar men zelf niet aan voldoet of zelfs maar aan kan voldoen.
Dit is de huidige stand van inzicht in de wetenschapsfilosofie. De wetenschap kan dat niet zelf beslissen, zij laat dat terecht aan de wetenschapsfilosofie over (vaak dezelfde mensen).
falsificatie is allang vervangen door instrumentalisme om dezelfde reden. [omdat cyclische theorieen immuun zijn tegen falsificatie].
en dan het derde criterium: toetsbaarheid. Hallo! Ok, ok, een wetenschapsforum, maar wat doet die categorie Filosofie theologie en ethiek hier dan?
[overigens maak ik mijn redeneringen, door ze voor iedereen inzichtelijk te maken, 'toetsbaar': lezers kunnen zelf constateren of mijn argumenten voor hen dezelfde waarde hebben als voor mij. Ik bedrijf dus gewoon toetsbare filosofie, zo toetsbaar als de mens maar in staat is]
En wie bepaalt of het 'toetsbaar, falsifieerbaar en niet cyclisch is'?
Tuurlijk, moet gebeuren, maar als het niet kan, omdat de criteria op een filosofische illusie gebaseerd zijn, dan moet het wel naar willekeur gebeuren, die mogelijk te goeder trouw zichzelf niet door heeft.
Zoals wanneer zij (die goede trouw) niet weet dat de criteria achterhaald zijn: toetsbaarheid, falsifieerbaarheid en afwezigheid van cycliciteit blijkt in het wetenschappelijk bedrijf geen haalbare zaak. (Gelukkig levert die zaak nietemin bruikbare beheersingsstrategieen..)
En dan hebben we het nog niet eens over de wetenschaps-sociologische factoren die juist doorslaggevend zijn (logisch als er criteria 'waar niets aan voldoet' moeten worden aangewend, dan krijg je een soort 'kleren van de keizer op de ape-n-rots').
Kijk maar naar onze kindjes, die tot 1985 bij operaties geen pijnstillers kregen: Dat iedereen die ene professor nabouwde, was een sociologische zaak met een biologische oorzaak. En zo gaat het overal. Ook als het wel goed gaat. Door dat aperots-mechanisme liggen monsters van collectieve uitglijders op de loer..
[quote][quote]De essentie van een forum is dat er deelnemers zijn.[/quote] Met een gezamenlijke interesse, en op dit forum is dat wetenschap.
Entertainment, contact, het schrijven zijn zaken die zeker belangrijk zijn. Maar de nadruk op dit forum ligt niet bij filosofie, het ligt bij wetenschap. Filosofie is daar maar een onderdeel van. Waarbij ook filosofie aan bepaalde regels gebonden is.[/quote]
Ik houd mij wel degelijk aan de filosofische regels, zoals ze bestaan en zouden moeten bestaan. Als je goed kijkt zul je zien dat vrijwel iedere reactie op mij persoonlijk was, en dat ik er desnietemin in slaagde vrijwel elk gesprek naar iets inhoudelijks om te buigen met vermakelijke en verrassende resultaten (gezicht van de maan was er eeen van) ik noem dit de 'full-contact' techniek: eerlijk, diep en geinspireerd dollen met de feitjes, dan komt er vanzelf een gesprek op gang. Het gebrek aan gehalte valt naar mijn stellige overtuiging niet mij te verwijten, ik heb het debat nog naar vermogen opgekrikt.
Blijft het punt dat hier gezellig was, voor ik kwam. Ik wil die genoegelijkheid natuurlijk niet onnodig lang verstoren.
Zelf heb ik genoten! Ik was sinds mijn vijftigste verjaardag, een maand geleden mijn computer kwijt en tiepte al maanden niet meer omdat er telkens kortsluiting optrad. Sinds donderdag kon ik weer eens lekker wat schrijven, man! dat lucht op..
misschien had ik jullie er niet voor moeten misbruiken, maar ik was getipt dat ik hier misschien mijn ei kwijt kon, en de titel/categorie leek erop te duiden, nietwaar..
vriendelijke groet Penpal
ik zal deze postings van mij, op [url=http://www.straatwijs.nl]http://www.straatwijs.nl[/url] zetten (onderaan) en de discussies met mijzelf continueren, dan kan men altijd per e-mail meedoen, tot ik er een forumpje van heb kunnen maken.. dan kan men gewoon meedoen, maar wel sportief hoor! Ik doe het net zo lief alleen..
Hartelijk dank voor de inspiratie iedereen! Ik blijf nog wel even hangen
vriendelijke groet penpal
ps Ik begrijp dat ik volgens de regels eerst had moeten kijken wat er al behandeld was op dit prikbord en dan pas iets er aan toe voegen. Ik heb inderdaad niet of nauwelijks gekeken.. Knap hoor dat jullie zo collectief aan groei en voortzetting van hetzelfde discours werken ! Ik zal zien wat ik in de toekomst kan betekenen.
Als je/jullie vinden dat ik beter bij de algemene 'social talk' pas, (die had ik niet opgemerkt), verplaats me dan gerust! (Maar dan wel graag alle vier tegelijk? da's lekker gezellig bij elkaar en de betogen-/kofiepraatjes- verwijzen ook onderling naar elkaar en vullen elkaar aan)
nogmaals hartelijk dank en excuses voor onaangepast gedrag... penpal
er is zo diep over nagedacht dat het niet meer opvalt......(ik zeg ook domme dingen, ha ha)
Men verwijt mij stellingen niet te beargumenteren....vraag gerust!
bijv er is geen geloofskeus alleen geloofslot:
'gedachten' experiment: allemaal vijf minuten wel geloven en dan weer vijf minuten niet, een uur lang......Lukt niet, snapt iedereen....waarom? We hebben helemaal geen (niet zo'n) vrije geloofskeus.... Het is meer constateren, dan kiezen, wat je gelooft..
(geloofslot niet te verwarren met geloofsslot). penpal
correctie op recentst gevonden zeperd...
(ik was vergeten hoe het ook weer zat, dat van die 'Tijd achteruit' was het enige dat ik belangerijk vond en dat heb ik dan ook zelf bedacht, maar vast niet als enige...wie weet hier bronnen van?):
Als Einstein met de snelheid van het licht vliegt , gaat zijn Volume [!] naar nul en staat de Tijd stil (en zijn massa wordt oneindig groot). Als hij nog harder gaat, wordt Einstein 'anti-ruimte' en gaat de Tijd achteruit! Laat ons dit beseffen (maar niet heus, lukt niemand, toch?)
(dan) Is die leegte die wij materie noemen misschien gewoon in de toekomst geschapen , waar de ontknoping al heeft plaatsgevonden, en wordt er steeds meer verleden bijgeflanst...
vg penpal
ik dee wat research en vond meteen wat jullie waarschijnlijk allang weten
maar toch (eerst een quootje van het besluit met de essentie):
Vermeld mag worden het werk van Victor Troitskii van het Radiophysical Research Institute te Gorky, USSR. Troitskii publiceerde in 1987 een studie [6]) naar de betekenis van roodverschuiving in sterrenlicht, dat algemeen wordt geïnterpreteerd als een Doppler-effect. Hij kwam tot de conclusie dat er wellicht geen Doppler-effect optreedt, maar dat de roodverschuiving te maken heeft met wijzigingen in de lichtsnelheid. Die is nl. in een ver verleden zeer vele malen hoger geweest, nl 10 tot de 10de maal (10 miljard) de huidige, wat in de buurt ligt van Setterfields aanname. In zijn model is de lichtsnelheid op een bepaald moment (ziet U de terugkeer van de absolute tijd!) overal in het heelal gelijk, en is het heelal statisch (het dijt niet uit of krimpt niet in), zoals ook door Setterfield was geconcludeerd.
T.C. van Flandern, werkzaam bij het US Naval Observatory in Washington, kwam bij zijn controle van metingen aan de omlooptijd van maan en planeten, gedaan van 1955 -1981, iets eigenaardigs tegen. Die metingen waren gedaan met behulp van een atoomklok, omdat de precisie daarvan zo groot is. Maar het leek alsof die hemellichamen wat sneller waren gaan bewegen. Vergelijkingen met dezelfde metingen gedaan met conventionele klokken gaven een verschil van meetbare omvang te zien. Maar de vertraging die hij bij de eerste serie opmerkte, trad hier niet op. Hij concludeerde dat de atoomklokken trager waren gaan lopen t.o.v. de hemellichamen, of dat de hemellichamen sneller waren gaan omwentelen. Deze laatste stelling verwierp hij direct, omdat daarvoor geen andere aanwijzingen waren. Dus besloot hij dat de atoomklokken vertraagden[7]). Omdat atoomklokken in de pas lopen met de lichtsnelheid, volgt hieruit dat in de periode 1955-1981 ook het licht vertraagde, wat weer in overeenstemming is met Setterfields onderzoekingen betreffende de metingen over de laatste 300 jaren.
De Brits-Portugese prof. João Magueijo schreef in 1999: Noem het ketterij, maar al de grote kosmologische problemen smelten als sneeuw voor de zon, als je één regel overtreedt, de regel nl. die zegt dat de lichtsnelheid nooit varieert [8]). Hij herhaalde deze uitspraak in een BBC TV-programma op 23-10-2000 [9]), waarbij diverse wetenschappelijke persoonlijkheden aanwezig waren.
Verder komen talloze onderzoekers die hier niet verder worden aangehaald tot overeenkomstige conclusies. Maar de bovenstaande zijn voldoende om de duidelijke trend aan te geven. Wat niet wil zeggen, dat deze conclusies algemeen worden aanvaard. Dat is echter inherent aan wetenschappelijk werk.
En wie wil, de rest (der zit een merkwaardige 'creationistische' link in, echter de wetenschap lijkt de moeite waard)
SEARCH WEBSITE
(Wetenschappelijke onderwerpen / Een nieuw kosmologisch model)
Up Snelheid van licht Vacuum en ZPE Roodverschuiving Nieuw model kosmos
Onderzoeken naar de lichtsnelheid
Nieuw 14/09/2004
Samenvatting: De lichtsnelheid wordt heden ten dage algemeen beschouwd als constant, waarmee dan een hele serie andere 'natuurconstanten' dus ook constant = onveranderlijk zijn. Setterfields onderzoek geeft aanleiding om daar grote vraagtekens bij te zetten. En hij is beslist niet de enige. Hieronder volgt het verhaal.
Galileï
Van de oudheid tot in de middeleeuwen werd de snelheid van het licht als oneindig gezien. Er waren hier en daar wel dissidenten, maar die werden niet serieus genomen. De eerste moderne wetenschapper, die vermoedde dat licht een eindige snelheid heeft, was Galileï (1564-1642). Hij stelde in 1638 voor om dat te meten, en gaf aan dat een combinatie van lampen, telescopen en sluiters, over afstanden van enkele kilometers, een antwoord op die vraag zou kunnen geven. In 1667 schijnt er in Florence zon experiment te zijn geweest, echter met onduidelijke resultaten. Natuurlijk geen wonder, met de toenmalige middelen!
Rømer
Toch hield dit vraagstuk de aandacht gevangen. In 1675-1677 deed de Deense astronoom Ole Christensen Rømer (1644-1710) een aantal metingen aan de omlooptijd van de Jupiter-maan Io. Er bleken verschillen te bestaan tussen de metingen gedaan terwijl de aarde in de richting van Jupiter bewoog en die, gedaan als de aarde van Jupiter af bewoog. Rømer berekende daaruit de snelheid van het licht als zijnde 307.600 ± 5400 km/sec. In de loop van de tijd zijn er nog vele metingen gedaan en met verschillende methoden. Opvallend is, dat al die methoden door de tijd heen een duidelijke afname van de lichtsnelheid laten zien, waarbij de foutmarges van die metingen ruimer worden naarmate ze ouder zijn. Dat ligt niet alleen aan het relatief gebrekkige instrumentarium maar ook aan de stand van de kennis in die tijd.
Einstein
De reden dat er nooit veel aandacht is geschonken aan het vermoeden dat de snelheid van het licht niet constant was, ligt in het feit, dat men in een geordend heelal niet goed raad wist met een afnemende lichtsnelheid. Het paste niet goed in de denkwijze. En evenals na Galileï en Kepler nog velen vasthielden aan cirkelvormige banen voor de planeten omdat dat beter overeen kwam met hun idee van volmaakte ordening zo landde ook het idee van een variable lichtsnelheid niet echt. Toen Einstein (1879-1955) zijn relativiteits-theorieën had gepubliceerd (1905, 1916) waarbij hij als uitgangspunt nam dat de lichtsnelheid de constante factor is in het heelal, zagen nog maar weinigen het nut in van een studie naar de lichtsnelheid, want zo redeneerde men Einstein heeft aangetoond (dat is niet juist: E. heeft aangenomen) dat die constant is en bovendien kunnen die verschillen in de metingen wel toe te wijzen zijn aan onvolkomenheden van apparatuur en methoden. Men lag er niet wakker van.
Birge
Prof. R.T. Birge publiceerde in 1941 een artikel met als titel: Met speciale verwijzing naar de lichtsnelheid [1]), handelend over de veranderende waarden van atomaire constanten. Een citaat: Elk geloof in de verandering van de fysieke natuurconstanten is in tegenspraak met de geest van de wetenschap. Hiermee leek het finale oordeel uitgesproken. Aan de onderzoeken naar de variabiliteit van de lichtsnelheid kwam een eind. Totdat...
Setterfield 1
In 1983 verscheen een monograaf [2]) van de hand van de Australische fysicus/geoloog Barry Setterfield (1942-), waarin hij melding doet van zijn research naar de variabiliteit van de lichtsnelheid, waaraan gekoppeld de variabiliteit van vele natuur-constanten, en de consequenties voor vele gebieden van de natuurkunde. Zo komt hij op een heelal dat niet ouder kan zijn dan zon 18.000 jaar! Het was een eerste poging om serieus met die materie om te gaan. Eerder was dit werk gepubliceerd door de Creation Science Foundation in Australië als een serie artikelen. Setterfield presenteerde zijn werk op een Creationistische conventie in de USA in 1983. Daarop werd heel wat commentaar geleverd, dat hij heeft gebruikt om een tweede, meer uitgerijpte versie van zijn werk te schrijven. Hij werkte daartoe samen met Flinders University in Australië. De wiskundige Trevor Norman assisteerde hem bij al het rekenwerk en controleerde de juistheid en de consistentie daarvan.
Setterfield 2
De fysicus Lambert T. Dolphin van Stanford Research Institute (SRI) kreeg lucht van dit onderzoek en nodigde Setterfield en Norman uit om hun onderzoek uit te werken en een research rapport over deze materie te schrijven met de bedoeling om een interne discussie op gang te brengen binnen SRI. Zo ontstond in 1987 het tweede, veel meer uitgerijpte rapport[3]). Hierin wordt het onderwerp zeer diepgaand behandeld en de mogelijke consequenties worden geanalyseerd en doorgerekend. Die leken nogal ingrijpend te zijn. Na publicatie door Flinders ontstond er een levendige discussie, voornamelijk onder creationisten. Flinders vroeg daarop Setterfield en Norman om een seminar te beleggen om het onderwerp aan de orde te stellen. Maar voordat het zover kwam, werden zowel Flinders als SRI opgebeld door dr. G.A. Aardsma, een medewerker van het Amerikaanse Institute of Creation Research (ICR), met de vraag of zij wisten dat Setterfield en Norman creationisten waren. Als gevolg hiervan kwam Normans job op de tocht te staan en werd Setterfield de toegang tot Flinders ontzegd. Toevallig(?) werd juist een reorganisatie doorgevoerd bij SRI en Dolphin met zijn staf kwamen op straat te staan. Beide instituten trokken hun support voor het werk in. De presentatie van het werk op de Europese Creationistische conferenties in 1984 en 1988 door de Britse fysicus en civiel ingenieur Malcolm Bowden ontmoette slechts oorverdovend stilzwijgen. Ook in creationistische kringen was het onderwerp kennelijk taboe.
Strijd rond het Setterfield rapport
Dr. G.A. Aardsma, astro/geofysicus, verbonden aan het ICR, schreef in 1988 een analyse van Setterfield en Normans statistische werk met een vernietigende conclusie[4]). Setterfield mocht eenmaal van repliek dienen, maar bij de beantwoording van de vele kritische vragen is hij niet meer betrokken geweest. Aardsmas behandeling van Setterfields werk doet diens werk geen recht. Hij heeft zich niet echt verdiept in de materie, zoals later Alan Montgomery, maar heeft incorrecte statistische methoden op de meetgegevens losgelaten, en zo vond hij een uitkomst die hem welgevallig was. Volgens Aardsma lag de gemiddelde lichtsnelheid over de gemeten tijd verwaarloosbaar boven de huidige, minder dan één standaard-deviatie. Conclusie: te weinig om enige waarde hebben. Case dismissed. Het is jammer dat het zolang duurde voordat hierop werd gereageerd. Pas in oktober 1993 publiceerden Lambert Dolphin (vml. SRI fysicus) en Alan Montgomery (wiskundige) een grondige analyse van Setterfields behandeling van zijn meetgegevens[5]). Zij plaatsten kritische noten bij die behandeling, maar hun eigen analyses confirmeerden Setterfields conclusie tot een afnemende lichtsnelheid. Aardsmas werk werd als beneden de maat afgewezen. Deze uitkomsten werden gepresenteerd op de Internationale Creationistische Conferentie in 1994 in de USA. Maar er is nooit op gereageerd. Intussen is Aardsma na een meningsverschil opgestapt bij het ICR.
Consequenties van Vc (variabele lichtsnelheid)
Het verval van de lichtsnelheid wijst volgens Setterfield op een jong heelal met initieel een lichtsnelheid die 4x1011 maal zo groot is als de huidige waarde en die via een steil aflopende curve nadert tot de huidige lichtsnelheid van ± 299.792 km/sec. Op deze curve zit dan nog een kleine rimpel, waardoor de lichtsnelheid niet precies constant is, maar nog kleine veranderingen ondergaat. Als Setterfield gelijk heeft, dan was de lichtsnelheid in Jezus tijd zon 25% hoger, tweemaal zo hoog in de tijd van Salomo en viermaal in Abrahams tijd. Vóór 3.000 v.Chr. is de snelheid dan al 10 miljoen maal zo hoog!
Omdat radioactieve vervalsnelheden evenredig zijn met de lichtsnelheid, moeten ook daarop correcties worden aangebracht. Deze leiden tot de conclusie dat bv. de uranium-lood metingen, die globaal uitkomen op een aarde-leeftijd van 4,5 miljard jaar, moeten worden teruggebracht tot een waarde van ± 8.000 jaar. Setterfield onderscheidt een dynamische klok en een atoom-klok. De dynamische klok geeft de tijd aan, gestuurd door de omwentelingen van de aarde om de zon en de omwenteling van de aarde om zijn as (jaren en dagen). De atoom-klok wordt gestuurd door processen in het atoom. Maar omdat deze processen evenredig zijn met de lichtsnelheid, en die lichtsnelheid wordt verondersteld hoger te zijn geweest in het verleden, lopen die klokken niet gelijk. Op de atoomklok is de aarde 4,5 miljard jaar oud, maar op de dynamische klok rond de 8.000 jaar. En met deze laatste klok meten wij nu eenmaal onze tijd.
Uiteraard is er heel wat kritiek op deze publicatie geweest, die echter door Setterfield op goede wetenschappelijke wijze is beantwoord. Ook de diepgaande analyse van Setterfields data door de Canadese statisticus Alan Montgomery bevestigde Setterfields aanpak. Het is niet niks, als een hele serie als natuurconstanten beschouwde gegevens plotseling variabelen blijken te zijn.
Ook is er af en toe beweerd, dat wij in onze tijd geen enkele afwijking van de lichtsnelheid meer waarnemen, hoewel ons instrumentarium de daartoe benodigde precisie heeft. Verschillende onderzoekers, waaronder Setterfield, hebben erop gewezen dat deze metingen worden gedaan met atoomklokken, die zelf in de pas met de lichtsnelheid variëren. Dus zelfs een belangrijke afwijking in de lichtsnelheid wordt met deze methoden niet waargenomen.
De resterende consequenties vallen buiten de reikwijdte van dit onderwerp. Ze komen eventueel aan de orde in andere artikelen, evenals zijn research naar het ontstaan van het heelal.
Andere onderzoeken
Vermeld mag worden het werk van Victor Troitskii van het Radiophysical Research Institute te Gorky, USSR. Troitskii publiceerde in 1987 een studie [6]) naar de betekenis van roodverschuiving in sterrenlicht, dat algemeen wordt geïnterpreteerd als een Doppler-effect. Hij kwam tot de conclusie dat er wellicht geen Doppler-effect optreedt, maar dat de roodverschuiving te maken heeft met wijzigingen in de lichtsnelheid. Die is nl. in een ver verleden zeer vele malen hoger geweest, nl 1010 maal de huidige, wat in de buurt ligt van Setterfields aanname. In zijn model is de lichtsnelheid op een bepaald moment (ziet U de terugkeer van de absolute tijd!) overal in het heelal gelijk, en is het heelal statisch (het dijt niet uit of krimpt niet in), zoals ook door Setterfield was geconcludeerd.
T.C. van Flandern, werkzaam bij het US Naval Observatory in Washington, kwam bij zijn controle van metingen aan de omlooptijd van maan en planeten, gedaan van 1955 -1981, iets eigenaardigs tegen. Die metingen waren gedaan met behulp van een atoomklok, omdat de precisie daarvan zo groot is. Maar het leek alsof die hemellichamen wat sneller waren gaan bewegen. Vergelijkingen met dezelfde metingen gedaan met conventionele klokken gaven een verschil van meetbare omvang te zien. Maar de vertraging die hij bij de eerste serie opmerkte, trad hier niet op. Hij concludeerde dat de atoomklokken trager waren gaan lopen t.o.v. de hemellichamen, of dat de hemellichamen sneller waren gaan omwentelen. Deze laatste stelling verwierp hij direct, omdat daarvoor geen andere aanwijzingen waren. Dus besloot hij dat de atoomklokken vertraagden[7]). Omdat atoomklokken in de pas lopen met de lichtsnelheid, volgt hieruit dat in de periode 1955-1981 ook het licht vertraagde, wat weer in overeenstemming is met Setterfields onderzoekingen betreffende de metingen over de laatste 300 jaren.
De Brits-Portugese prof. João Magueijo schreef in 1999: Noem het ketterij, maar al de grote kosmologische problemen smelten als sneeuw voor de zon, als je één regel overtreedt, de regel nl. die zegt dat de lichtsnelheid nooit varieert [8]). Hij herhaalde deze uitspraak in een BBC TV-programma op 23-10-2000 [9]), waarbij diverse wetenschappelijke persoonlijkheden aanwezig waren.
Verder komen talloze onderzoekers die hier niet verder worden aangehaald tot overeenkomstige conclusies. Maar de bovenstaande zijn voldoende om de duidelijke trend aan te geven. Wat niet wil zeggen, dat deze conclusies algemeen worden aanvaard. Dat is echter inherent aan wetenschappelijk werk.
[url=http://people.zeelandnet.nl/kielmp/snelheid_van_licht.htm]http://people.zeelandnet.nl/kielmp/snelhei...d_van_licht.htm[/url]
zo dat is toch wat ....?.. vg penpal
nog even over maan net zo groot als zon:
ik bedoel gewoon in het algemeen dat verwondering en enthousiasme psychisch gezond is, en dat dit een wetenschappelijk toeval is, kleine kans op, in het universum.
Niet dat iets dichtbij groter lijkt dan iets groters ver genoeg weg, die kans is 100%, en dan spreek je doorgaans niet van kans, maar dat de maan exact dezelfde afmeting heeft voor het blote oog op aarde als de zon, die kans is bijzonder klein..
En dat heeft poetische romantische mythische en wetenschappelijke consequenties (corona onderzoek) en nog veel meer,
die kleine kans op de maan zoals zij is moet wellicht meegenomen worden in de 'berekening' van kans op leven, zoals op aarde.. al zal wellicht blijken dat de sateliet niet even groot als de ster hoeft te lijken vanaf de planeet om een soort leven als op aarde mede mogelijk te helpen maken..
vriendelijke groet penpal